wetzoeker

Artikel 21 Besluit uitvoering Pensioenwet en Wet verplichte beroepspensioenregeling

Individuele waardeoverdracht

1 Indien de deelnemer gebruik wil maken van zijn recht op waardeoverdracht, dient hij binnen twee maanden na ontvangst van de opgave of voorlopige opgave, bedoeld in artikel 18, en, indien van toepassing, artikel 22, een verzoek tot waardeoverdracht in bij de ontvangende uitvoerder.

2 Pensioenaanspraken die door de rechthebbende zijn verkregen op grond van de FVP-bijdrage worden geacht inbegrepen te zijn in het verzoek, bedoeld in het eerste lid.

3 Indien de partner die begunstigde is voor het partnerpensioen niet instemt met het verzoek tot waardeoverdracht met betrekking tot het partnerpensioen, is artikel 58 van de Pensioenwet dan wel artikel 69 van de Wet verplichte beroepspensioenregeling van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Besluit uitvoering Pensioenwet en Wet verplichte beroepspensioenregeling
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0020892
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl