wetzoeker

Artikel 2 Regeling heroïnebehandeling

1 De Minister kan ten behoeve van het jaar 2025 aan de volgende gemeenten een specifieke uitkering verstrekken voor de kosten van het exploiteren van het bij de desbetreffende gemeente genoemde aantal behandeleenheden, van ten hoogste het bij de desbetreffende gemeente genoemde bedrag, met in totaal ten hoogste het bij de desbetreffende gemeente genoemde aantal behandelplaatsen:

Amsterdam | 2 | 90 | 2.210.562

Apeldoorn | 1 | 20 | 678.092

Arnhem | 1 | 23 | 751.324

Den Haag | 1 | 60 | 1.396.857

Deventer | 1 | 20 | 678.092

Eindhoven | 1 | 20 | 678.092

Enschede | 1 | 25 | 800.146

Groningen | 1 | 25 | 800.146

Heerlen | 1 | 27 | 843.544

‘s-Hertogenbosch | 1 | 20 | 678.092

Leeuwarden | 1 | 30 | 908.641

Maastricht | 1 | 20 | 678.092

Nijmegen | 1 | 20 | 678.092

Rotterdam | 1 | 72 | 1.559.593

Tilburg | 1 | 21 | 702.503

Utrecht | 1 | 44 | 1.163.599

2 Onder kosten worden verstaan de exploitatiekosten, gebaseerd op bedrijfseconomische aanvaardbare principes, van een behandeleenheid met uitzondering van de huisvestingskosten.

3 Een behandeleenheid bestaat uit ten minste 20 behandelplaatsen.

Regeling
Regeling heroïnebehandeling
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2025
BWB-id
BWBR0020561
Versie
2025-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl