wetzoeker

Artikel 106aa Besluit prudentiële regels Wft

Minimumomvang liquiditeit

1 De liquiditeit van een klasse 1-bijkantoor als bedoeld in artikel 3:65a is voldoende, indien wordt voldaan aan de liquiditeitsvereisten ingevolge deel 6, titel I, van de verordening kapitaalvereisten en de Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/61 van de Commissie van 10 oktober 2014 ter aanvulling van Verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot het liquiditeitsdekkingsvereiste voor kredietinstellingen.

2 De liquiditeit van een klasse 2-bijkantoor als bedoeld in artikel 3:65a is voldoende, indien te allen tijde een volume onbezwaarde en liquide activa wordt aangehouden dat toereikend is om de liquiditeitsuitstromen over een periode van ten minste 30 dagen te dekken.

3 Een klasse 1-bijkantoor of klasse 2-bijkantoor houdt de activa voor liquiditeit aan op een rekening die uitsluitend daarvoor bestemd is. Deze rekening wordt aangehouden bij een bank die geen onderdeel is van de groep waartoe het bijkantoor behoort.

4 De activa op de rekening, bedoeld in het derde lid, zijn na gebruik ter dekking van liquiditeitsuitstromen beschikbaar voor gebruik indien de Nederlandsche Bank artikel 3A:19 van de wet toepast en voor de liquidatie van het bijkantoor.

5 De Nederlandsche Bank kan een in aanmerking komend bijkantoor ontheffen van de verplichting bedoeld in het tweede lid.

Regeling
Besluit prudentiële regels Wft
Afkortingen
Bpr Wft
Soort
AMvB
Geldend vanaf
22-09-2026
BWB-id
BWBR0020420
Versie
2026-09-22_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl