wetzoeker

Artikel 17 Besluit bijzondere prudentiële maatregelen, beleggerscompensatie en depositogarantie Wft

Beleggerscompensatiestelsel

1 Het in enig kalenderjaar door een bank ingevolge artikel 11, eerste lid en 13, tweede lid, te betalen bedrag, vermeerderd met het op grond van paragraaf 6.2 te betalen bedrag, is niet groter dan vijf procent van haar eigen vermogen. Een eventueel excedent wordt door de Nederlandsche Bank renteloos voorgeschoten.

2 Het in enig kalenderjaar door een financiële onderneming die geen bank is, ingevolge artikel 13, eerste en tweede lid en artikel 16, vijfde lid, te betalen bedrag is niet groter dan drie procent van haar eigen vermogen. Een eventueel excedent wordt door de Nederlandsche Bank renteloos voorgeschoten.

3 Indien de solvabiliteits- of liquiditeitspositie van een bank, of de solvabiliteitspositie van een beleggingsonderneming daartoe aanleiding geeft, kan de Nederlandsche Bank voor die bank, onderscheidenlijk beleggingsonderneming, een lager percentage vaststellen.

Regeling
Besluit bijzondere prudentiële maatregelen, beleggerscompensatie en depositogarantie Wft
Afkortingen
Bbpm Wft
Soort
AMvB
Geldend vanaf
24-07-2026
BWB-id
BWBR0020414
Versie
2026-07-24_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl