wetzoeker

Wet samenvoeging gemeenten Medemblik, Noorder-Koggenland en Wognum en grenswijziging gemeente Hoorn

Wet van 5 juli 2006 tot samenvoeging van de gemeenten Medemblik, Noorder-Koggenland en Wognum en een wijziging van de grenzen van de gemeente Hoorn

Soort
Wet
Geldend vanaf
01-09-2006
Rechtsgebied
Staats- en bestuursrecht, Staatsrecht
Ministerie
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
BWB-id
BWBR0020055
Versie
2006-09-01_0
SHA-256 bron
281eb923726ba873826444931e80a38ac59fb40ada8316c71441b6a4acc06bd8

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (10)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Artikel 10

§ 1 — Opheffing en instelling van gemeenten

Artikel 1

Met ingang van de datum van herindeling worden de gemeenten Medemblik, Noorder-Koggenland en Wognum opgeheven.

§ 1 — Opheffing en instelling van gemeenten

Artikel 2

Met ingang van de datum van herindeling wordt de nieuwe gemeente Medemblik ingesteld, bestaande uit het grondgebied van de op te heffen gemeenten Medemblik, Noorder-Koggenland en Wognum, met dien verstande dat de grens van de nieuw te vormen gemeente komt te lopen zoals aangegeven op de bij deze wet behorende kaart.

§ 2 — Grenswijzigingen van een gemeente die niet wordt opgeheven

Artikel 3

De grenzen van de gemeente Hoorn worden met ingang van de datum van herindeling gewijzigd, zoals aangegeven op de bij deze wet behorende kaart.

§ 3 — Overige bepalingen

Artikel 4

Voor de nieuwe gemeente Medemblik wordt de op te heffen gemeente Noorder-Koggenland aangewezen voor de toepassing van artikel 36 van de Wet algemene regels herindeling, in verband met de toepassing van de instructies en reglementen, bedoeld in dat artikel.

§ 3 — Overige bepalingen

Artikel 5

Voor de op te heffen gemeenten Medemblik, Noorder-Koggenland en Wognum wordt de nieuwe gemeente Medemblik aangewezen in verband met de toepassing van de volgende bepalingen van de Wet algemene regels herindeling:

a. artikel 39, tweede lid, ten aanzien van de heffing en invordering van gemeentelijke belastingen;

b. artikel 41, derde lid, ten aanzien van de deelneming aan gemeenschappelijke regelingen;

c. de artikelen 44, eerste lid, en 45, tweede lid, ten aanzien van de overgang van rechten en verplichtingen;

d. artikel 48, tweede lid, ten aanzien van de uitkeringen, bedoeld in dat artikel;

e. artikel 59, eerste lid, ten aanzien van de overgang van ambtenaren;

f. artikel 70, eerste lid, ten aanzien van de overgang van archiefbescheiden;

g. artikel 71, eerste lid, ten aanzien van de overdracht van de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens.

§ 3 — Overige bepalingen

Artikel 6

1 Voor de nieuwe gemeente Medemblik wordt een tussentijdse raadsverkiezing als bedoeld in artikel 52, tweede lid, onderdeel a, van de Wet algemene regels herindeling gehouden.

2 Met de voorbereiding van de tussentijdse raadsverkiezing wordt de op te heffen gemeente Noorder-Koggenland belast.

3 Indien de datum van herindeling valt binnen twee jaar voor de datum waarop de reguliere verkiezingen voor de leden van de gemeenteraden ingevolge de Kieswet moeten worden gehouden, vinden deze verkiezingen niet plaats in de gemeente die bij deze wet is ingesteld.

4 De zittingsperiode van de leden van de raad van de nieuwe gemeente eindigt in de in het derde lid bedoelde situatie gelijk met de zittingsperiode van de leden van de raden van de overige gemeenten die volgt op de eerste verkiezingen voor de gemeenteraden na de datum van herindeling.

§ 3 — Overige bepalingen

Artikel 7

Wijzigt de Wet op de rechterlijke indeling.

§ 3 — Overige bepalingen

Artikel 8

Wijzigt de Politiewet 1993.

§ 3 — Overige bepalingen

Artikel 9

Indien het bij koninklijke boodschap van 7 november 2005 ingediende voorstel van wet tot samenvoeging van de gemeenten Obdam en Wester-Koggenland (Kamerstukken II 2005/06, 30 348, nr. 2) tot wet wordt verheven, wordt met ingang van de datum van herindeling voor zover het betreft het grensbeloop tussen de gemeente Hoorn en de nieuwe gemeente Medemblik, uitgegaan van het bij deze wet behorende kaartbeeld.

§ 3 — Overige bepalingen

Artikel 10

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.