wetzoeker

Wijzigingswet Wet milieubeheer (uitvoering richtlijn nr. 2001/42/EG betreffende milieu-effectrapportage plannen)

Wet van 5 juli 2006 tot wijziging van de Wet milieubeheer in verband met de uitvoering van richtlijn nr. 2001/42/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 27 juni 2001 betreffende de beoordeling van de gevolgen voor het milieu van bepaalde plannen en programma’s (PbEG L 197) (milieu-effectrapportage plannen)

Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2008
Rechtsgebied
Milieurecht, Ruimtelijke ordening en milieu
Ministerie
Infrastructuur en Milieu
BWB-id
BWBR0020050
Versie
2008-01-01_0
SHA-256 bron
3081a6926822e092771699cbc53dc91bddc22f44117e541647feace7e01250ce

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (9)
  1. Artikel I
  2. Artikel II
  3. Artikel III
  4. Artikel IV
  5. Artikel V
  6. Artikel VI
  7. Artikel VII
  8. Artikel VIII
  9. Artikel IX

Artikel I

Wijzigt de Wet milieubeheer.

Artikel II

Wijzigt deze wet.

Artikel III

Wijzigt deze wet.

Artikel IV

Vervallen

Artikel V

Wijzigt de Wet op de archeologische monumentenzorg.

Artikel VI

Wijzigt de Wet op de archeologische monumentenzorg.

Artikel VII

Wijzigt deze wet.

Artikel VIII

1 Op een plan als bedoeld in artikel 7.2, tweede lid, of 7.2a, eerste lid, van de Wet milieubeheer ten aanzien waarvan voor 21 juli 2004 overeenkomstig de procedure van totstandkoming van dat plan de eerste formele voorbereidende handeling is afgerond, blijft hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer zoals dat gold voor dat tijdstip van toepassing, mits dat plan uiterlijk op 21 juli 2006 zal worden vastgesteld.

2 Indien in een geval als bedoeld in het eerste lid, blijkt dat het plan niet uiterlijk op 21 juli 2006 zal worden vastgesteld, geeft het bestuursorgaan dat het plan opstelt met betrekking tot dat plan alsnog toepassing aan de paragrafen 7.4, 7.4a en 7.6a van de Wet milieubeheer, tenzij dat redelijkerwijs niet kan worden gevergd.

3 Indien in een geval als bedoeld in het eerste lid, het plan later wordt vastgesteld dan 21 juli 2006, en geen toepassing is gegeven aan de paragrafen 7.4, 7.4a en 7.6a van de Wet milieubeheer, wordt in dat plan de reden vermeld:

a. waarom het later is vastgesteld, en

b. waarom redelijkerwijs niet kon worden gevergd dat overeenkomstig het tweede lid alsnog toepassing zou worden gegeven aan voornoemde paragrafen.

4 Indien in een geval als bedoeld in het tweede lid, alsnog toepassing wordt gegeven aan de paragrafen 7.4, 7.4a en 7.6a van de Wet milieubeheer en voor de inwerkingtreding van deze wet reeds is voldaan aan het bepaalde in artikel 7.11b onderscheidenlijk 7.26a van die wet, behoeft geen toepassing te worden gegeven aan artikel 7.11c, onderscheidenlijk 7.26b van die wet.

5 Indien ten aanzien van een plan als bedoeld in artikel 7.2, tweede lid, of 7.2a, eerste lid, van de Wet milieubeheer overeenkomstig de procedure van totstandkoming van dat plan de eerste formele voorbereidende handeling is afgerond op of na 21 juli 2004 en voor de inwerkingtreding van deze wet, en reeds is voldaan aan het in artikel 7.11b, onderscheidenlijk 7.26a van die wet, behoeft geen toepassing te worden gegeven aan artikel 7.11c, onderscheidenlijk 7.26b van die wet.

Artikel IX

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.