wetzoeker

Artikel 3d Regeling werkzaamheden Raad voor plantenrassen

De toelating van rassen en opstanden

1 De Raad draagt zorg voor de bewaring van het dossier waarop een toelating van een ras van een fruitgewas berust.

2 De toelating van een ras van een fruitgewas geldt ten hoogste 30 jaar of, ingeval van een genetisch gemodificeerd ras, voor de periode dat het desbetreffende genetisch gemodificeerde organisme krachtens de richtlijnen (EU) 2001/18 of (EU) 1829/2003 tot de teelt is toegelaten.

3 De toelating van een ras kan op aanvraag bij een door de Raad beschikbaar gesteld middel voor ten hoogste 30 jaar worden verlengd:

a. indien het materiaal van het desbetreffende ras nog beschikbaar is, en

b. ingeval van een genetisch gemodificeerd ras, indien en voor de periode dat het desbetreffende genetisch gemodificeerde organisme krachtens de richtlijnen (EU) 2001/18 of (EU) 1829/2003 tot de teelt is toegelaten.

4 De Raad kan de toelating van een ras tevens verlengen indien hij van oordeel is dat zulks bijdraagt aan het behoud van de genetische diversiteit en duurzame productie of een ander algemeen belang dient.

5 De Raad trekt een toelating van een fruitgewas in, ingeval:

a. naar zijn oordeel niet of niet meer aan de aan de toelating gestelde eisen wordt voldaan, of

b. bij de aanvraag van de toelating of tijdens het onderzoek ernaar onjuiste of misleidende inlichtingen zijn verstrekt ten aanzien van de feiten op basis waarvan het ras is toegelaten.

Regeling
Regeling werkzaamheden Raad voor plantenrassen
Afkortingen
Rw RvP
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0019435
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl