wetzoeker

Artikel 3 Vrijstellingsregeling plantenresten

Bermmaaisel als bedoeld in artikel 2, onder a, wordt uitsluitend op of in de bodem gebracht indien:

a. dit geschiedt:

1°. op de plaats of het perceel waar dit is vrijgekomen,

2°. op het aangrenzende perceel, of

3°. in gevallen waarin het aangrenzende perceel niet geschikt is: op een ander perceel, dat ligt binnen een afstand van maximaal vijf kilometer van de plaats van waar het bermmaaisel is vrijgekomen,

b. sprake is van schoon en onverdacht bermmaaisel,

c. de hoeveelheid die op of in de bodem wordt gebracht, uit oogpunt van goede landbouwpraktijk, in evenwichtige verhouding staat tot het oppervlak van het ontvangende perceel, en

d. het bermmaaisel gelijkmatig wordt verspreid over het ontvangende perceel en dit niet significant bijdraagt aan de verspreiding van nutriënten en zware metalen.

Regeling
Vrijstellingsregeling plantenresten
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2024
BWB-id
BWBR0019048
Versie
2024-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl