wetzoeker

Artikel 161 Wet verplichte beroepspensioenregeling

Bevoegdheden Onze Minister

De bevoegdheid om de noodzakelijke voorzieningen te treffen, genoemd in artikel 23, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, alsmede de verplichtingen, genoemd in artikel 23, tweede en derde lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, worden ten aanzien van ernstige verwaarlozing door de toezichthouder van de bij of krachtens deze wet opgedragen taken uitgeoefend dan wel uitgevoerd door Onze Minister.

Regeling
Wet verplichte beroepspensioenregeling
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0018831
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl