wetzoeker

§ 5.1 — Het verzoek Circulaire toepassing Herzieningswet Kadasterwet I

Het verzoek

Een verzoek tot vaststelling van een complexnummer ter zake van appartementsrechten als bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Kadasterbesluit (hierna: verzoek tot vaststelling van een complexnummer) kan in papieren of in elektronische vorm bij de Dienst worden ingediend.

Een verzoek tot vaststelling van een complexnummer met daarbij gevoegd een afschrift van de tekening, bedoeld in artikel 109, tweede lid, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek, kan in elektronische vorm in enkelvoud worden ingediend op het in § 2.2 genoemde elektronische postadres van de Dienst. Het verzoek dient door een notaris of een waarnemend notaris te worden gedagtekend en te worden voorzien van een elektronische handtekening die voldoet aan artikel 7e van de Kadasterwet. Indien het afschrift van de tekening uit meerdere deeltekeningen bestaat, dient de notaris of de waarnemend notaris in het verzoek tot vaststelling van een complexnummer te verklaren hoeveel deeltekeningen het betreft.

Op het bij het verzoek tot vaststelling van een complexnummer gevoegde afschrift van de tekening dienen de voor de desbetreffende afbeelding gebruikte schaal en de afmetingen van de originele afbeelding te worden vermeld.

Indien het afschrift van de tekening uit meerdere deeltekeningen bestaat, dienen deze gegevens op elke deeltekening te worden vermeld. Voorts dienen op elke deeltekening de daarop afgebeelde onroerende zaken met perceelsgewijs hun kadastrale aanduiding en de dagtekening van het verzoek vermeld te worden.

Regeling
Circulaire toepassing Herzieningswet Kadasterwet I
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-09-2005
BWB-id
BWBR0018682
Versie
2005-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl