wetzoeker

Artikel 26 Regeling veiling benzinestations langs rijkswegen

Voorwaarden voor het kunnen uitoefenen van het huurrecht na de veiling

1 De directeur Domeinen verleent aan de deelnemer die het hoogste bod op een huurrecht heeft uitgebracht, het huurrecht nadat de verschuldigde bedragen zijn voldaan. Daartoe sluit de directeur Domeinen een huurovereenkomst. Deze huurovereenkomst kan worden vervangen door een erfpachtovereenkomst in geval gebruik wordt gemaakte van de in artikel 3, zevende lid, van de Wet, bedoelde mogelijkheid.

2 Onverminderd het hierna in dit artikel bepaalde gaat de huurovereenkomst dan wel erfpachtovereenkomst in op het in het biedboek aangegeven tijdstip.

3 Onverminderd het hierna in dit artikel bepaalde gaat de huurovereenkomst dan wel erfpachtovereenkomst met betrekking tot een locatie als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Wet,in drie maanden na de dag van de veiling, tenzij de wederpartij van de Staat als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder b, van de Wet, en de deelnemer die het hoogste bod op het huurrecht heeft uitgebracht in onderling overleg een eerdere aanvangsdatum overeenkomen.

4 Indien binnen drie maanden na de dag van de veiling niet aan het bepaalde in de voorgaande leden van dit artikel is voldaan, kan de directeur Domeinen besluiten dat het huurrecht opnieuw wordt geveild.

Regeling
Regeling veiling benzinestations langs rijkswegen
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2012
BWB-id
BWBR0018616
Versie
2012-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl