3.2. Algemene Energieraad Vaststellingsbesluit selectielijsten neerslag handelingen beleidsterreinen Energiebeleid en Energiedelfstoffen vanaf 1945 (Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties)
(9.)
Handeling: Het op verzoek van de Minister van Economische Zaken, dan wel uit
eigen beweging, adviseren omtrent:
a. het te voeren energiebeleid en daarbij aandacht te besteden aan de wisselwerking tussen het te voeren energiebeleid enerzijds en maatschappelijke ontwikkelingen en het te voeren overheidsbeleid op andere gebieden anderzijds;
b. door andere adviesorganen aan een of meer vakministers uitgebrachte en openbaar gemaakte adviezen, voor zover deze naar het oordeel van de raad belangrijke gevolgen voor het te voeren energiebeleid kunnen hebben.
Periode: 1985–
Producten: bijvoorbeeld:
Klein vademecum voor de energie 1980 (1980);
Energiescenario’s (1980);
Afval- en restwarmte als energiebron (1980);
Een versnelde procedure voor de Brede Maatschappelijke Discussie (1980);
Klein vademecum voor de energie 1982 (1982);
Kommentaar op het conceptvoorstel voor een nieuwe Electriciteitswet (1985);
Kanttekeningen bij het energie-beleid in 1986 (1986);
Energie en 1992 (1988);
Nederlands energiebeleid op de drempel van de 21e eeuw (1996);
Energie-onderzoek in Nederland (1996);
Naar een nieuwe electriciteitswet (1996).
Opmerking: Om tot een advies te komen heeft de Raad de mogelijkheid om uit haar midden tijdelijk commissies in te stellen, evenals inlichtingen van derden in te winnen. Deze adviezen worden tijdens een openbare vergadering vastgesteld.
Bron: Wet van 17 mei 1985 (Stb. 287), houdende instelling van een Algemene Energieraad (Wet op de Algemene Energieraad), art. 3, lid 1.
Waardering: B 5
(10.)
Handeling: Het aan de Minister van Economische Zaken op diens verzoek of uit eigen beweging informatie verschaffen die van belang kan zijn voor het te voeren energiebeleid.
Periode: 1985–
Producten: Informatie; nota’s; rapporten; etc.
Bron: Wet op de Algemene Energieraad, art. 3, lid 1.
Waardering: V 10 jaar
(11.)
Handeling: Het jaarlijks aan de Minister van Economische Zaken rapporteren omtrent de voortgang, welke is gemaakt bij de ontwikkeling en uitvoering van het gevoerde energiebeleid.
Periode: 1985–
Producten: Jaarrapportage.
Bron: Wet op de Algemene Energieraad, art. 3, lid 4.
Waardering: B 3
(13.)
Handeling: Het uit hun midden aanwijzen van de plaatsvervangende voorzitter en overige leden van het presidium.
Periode: 1985–
Producten: Beschikking.
Bron: Wet op de Algemene Energieraad, art. 8, lid 2–3.
Waardering: V 10 jaar na einde lidmaatschap
(15.)
Handeling: Het overleggen met de Minister van Economische Zaken over het voorzien in het secretariaat voor de Algemene Energieraad.
Periode: 1985–
Producten: Vergaderstukken.
Bron: Wet op de Algemene Energieraad, art. 10.
Waardering: V 5 jaar
(17.)
Handeling: Het aan de Minister van Economische Zaken verzoeken om de door hem aangewezen personen vergaderingen van de Algemene Energieraad bij te laten wonen.
Periode: 1985–
Producten: Verzoek aan de minister.
Bron: Wet op de Algemene Energieraad, art. 15, lid 2.
Waardering: V 10 jaar na einde lidmaatschap
(18.)
Handeling: Het vaststellen van een reglement van orde dat dient tot regeling van de werkzaamheden van de Algemene Energieraad.
Periode: 1985–
Producten: Reglement van orde.
Bron: Wet op de Algemene Energieraad, art. 18, lid 1.
Waardering: V 10 jaar
(67.)
Handeling: Het geven van adviezen inzake het te voeren beleid op het gebied van elektriciteitsvoorziening.
Periode: 1985–
Bron: Energienota 1974, HdTK 1974–1975, 13 122
Waardering: B 5
(78.)
Handeling: Het adviseren van de Minister van Economische Zaken inzake elektriciteitsplannen.
Producten: adviezen
Periode: 1975–
Opmerking: De voorlopers waren de voorlopige AER KB Stb. 1976, 99 en de Electriciteitsraad. De laatste wordt in een aparte paragraaf behandeld.
Bron: Convenant Staat – NV SEP 1975/Elektriciteitswet 1989 Stb. 1989, 535 Art.17, lid 4, art. 15 t/m 21.
Waardering: B 5
(126.)
Handeling: De Minister van Economische Zaken op diens verzoek, dan wel uit eigen beweging, adviseren omtrent:
a. het te voeren energiebeleid en daarbij aandacht te besteden aan de wisselwerking tussen het te voeren energiebeleid enerzijds en maatschappelijke ontwikkelingen en het te voeren overheidsbeleid op andere gebieden anderzijds;
b. door andere adviesorganen aan een of meer vakministers uitgebrachte en openbaar gemaakte adviezen, voor zover deze naar het oordeel van de raad belangrijke gevolgen voor het te voeren energiebeleid kunnen hebben.
Periode: 1976–
Bron: Wet van 17 mei 1985 (Stb. 287), houdende instelling van een Algemene Energieraad (Wet op de Algemene Energieraad), art. 3, lid 1.
Producten: Een Brede maatschappelijke Discussie over (kernenergie) (1978); Kolen en uraan (1979); Een versnelde procedure voor de Brede Maatschappelijke Discussie (1980); Kernenergie: advies inzake de heroverweging van uitbreiding van kernenergie in Nederland (1989); Advies naar aanleiding van het dossier kernenergie (1994).
Waardering: B 5
(290.)
Handeling: Het geven van adviezen inzake het te voeren beleid op het gebied van energiebesparing en duurzame energie.
Producten: o.m. besparing in bedrijven (1978), toepassing andere tariefstructuur (1980), energiebesparing en ruimtelijke ordening (1981)
Periode: 1976
Opmerking: In 1976 werd de voorlopige Algemene Energieraad opgericht Stb. 1976, 99, opgevolgd door de huidige Algemene Energieraad Stb. 1985, 287 en 611. Adviezen die een sector of duurzame energiebron betreffen zijn per sector bij de handelingen opgenomen.
Bron: Energienota 1974, HdTK 1974–1975, 13 122
Waardering: B 5
(347.)
Handeling: Het geven van adviezen bij de voorbereiding van AMvB’s waarbij regels worden vastgesteld ter uitvoering van de Wet energiebesparing toestellen.
Producten: adviezen
Periode: 1986–
Bron: Wet energiebesparing toestellen Stb. 1986, 59, art.18
Waardering: B 1
(428.)
Handeling: Het geven van adviezen inzake het te voeren energiebesparingsbeleid voor de sector gebouwde omgeving.
Producten: besparing in huishoudelijk gebruik (1977)
Periode: 1976–
Opmerking: In 1976 werd de voorlopige Algemene Energieraad opgericht Stb. 1976, 99, opgevolgd door de huidige Algemene Energieraad Stb. 1985, 287 en 611.
Bron: Energienota 1974, HdTK 1983–1984, 13 122
Waardering: B 5
(452.)
Handeling: Het geven van adviezen inzake het te voeren energiebesparingsbeleid voor de sector verkeer en vervoer.
Producten: energiebesparing in verkeer en vervoer (1984)
Periode: 1976–
Opmerking: In 1976 werd de voorlopige Algemene Energieraad opgericht Stb. 1976, 99, opgevolgd door de huidige Algemene Energieraad Stb. 1985, 287 en 611.
Bron: Energienota 1974, HdTK 1974–1975, 13 122, nrs. 1–2.
Waardering: B 5
(459.)
Handeling: Het geven van adviezen inzake het gebruik van duurzame energiebronnen.
Producten: o.m.
– knelpunten bij introductie van duurzame energiebronnen (1982)
– energieonderzoek (inclusief energiebesparing en duurzame energie, 1987)
– de meerjaren-onderzoeksprogramma’s energiebesparing en duurzame energie (1991)
Periode: 1976–
Opmerking: In 1976 werd de voorlopige Algemene Energieraad opgericht Stb. 1976, 99, opgevolgd door de huidige Algemene Energieraad Stb. 1985, 287 en 611.
Bron: [eerste] Energienota 1974. HdTK 1973–1974, 13 122
Waardering: B 5
(484.)
Handeling: Het geven van adviezen inzake het te voeren beleid betreffende biomassa en afvalverwerking.
Periode: 1976–
Opmerking: In 1976 werd de voorlopige Algemene Energieraad opgericht Stb. 1976, 99, opgevolgd door de huidige Algemene Energieraad Stb. 1985, 287 en 611.
Bron: [Eerste] Energienota, HdTK 1974–1975, 13 122, nr. 2
Waardering: B 5
- Regeling
- Vaststellingsbesluit selectielijsten neerslag handelingen beleidsterreinen Energiebeleid en Energiedelfstoffen vanaf 1945 (Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties)
- Soort
- Archiefselectielijst
- Geldend vanaf
- 15-01-2006
- BWB-id
- BWBR0018572
- Versie
- 2006-01-15_0