13.1.1. Organisatie van het staatstoezicht Vaststellingsbesluit selectielijst neerslag handelingen Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, beleidsterrein Volkshuisvesting 1945–1996
345
Actor: Minister van Wederopbouw en Volkshuisvesting; Minister van Volkshuisvesting en Bouwnijverheid
Handeling: Het aanwijzen van functionarissen, belast met het toezicht op de volkshuisvesting, de wederopbouw en de woningdistributie
Periode:
Grondslag: Gezondheidswet 1901; art. 26, Woonruimtewet 1947; art. 29, lid 1, Wederopbouwwet
Bron: 1945–1962
Product: Koninklijk Besluit van 18 maart 1946, nr. 12; Koninklijk Besluit van 20 november 1950 (Stcrt. 251), houdende aanwijzing van provinciale Hoofdinspecteurs van Dienst, belast met het toezicht op de volkshuisvesting
Opmerking:
Waardering: B 4
346
Actor: Minister van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM)
Handeling: Het benoemen, schorsen of ontslaan van de inspecteur-generaal, de inspecteurs en toegevoegde ambtenaren die toezicht houden op de naleving van de regelgeving op het gebied van de volkshuisvesting
Periode: 1962–
Grondslag: Woningwet 1962, art. 80, art. 105, lid 1, (Stb. 1962, 287) art. 95, Woningwet 1992, art. 114 (Stb. 1991, 493) Organisatiebesluit, art. 14, lid 1 (Stb. 1965, 329)
Bron:
Product: Product: Beschikking aanwijzing van functionarissen krachtens artikel 105, lid 1 Woningwet (Stcrt. 1964, 164)
Opmerking: Het aanwijzen van een toegevoegde ambtenaar die als adjunct-inspecteur fungeert (art. 24, lid 1, Organisatiebesluit volkshuisvesting (Stb. 1990, 384)
het aanwijzen van inspecteurs in algemene dienst en de waarnemend inspecteur-generaal van de Volkshuisvesting art. 13, lid 1, Organisatiebesluit (Stb. 1965, 329)
Waardering: V, 10 jaar na pensionering
349
Actor: Minister van Volkshuisvesting en Bouwnijverheid
Handeling: Het geven van aanwijzingen aan lagere overheden inzake de organisatie van het bouw- en woningtoezicht
Periode: 1950–1965
Grondslag: Wederopbouwwet 1950, art. 18, 19 Woningwet, art. 13
Bron:
Product:
Opmerking: Een en ander betreft de opzet van gemeenschappelijke regelingen of het integreren van toezichtsorganen: het aanwijzen van gemeenten die gemeenschappelijk het toezicht op voorschriften en andere wettelijke bepalingen inzake de volkshuisvesting moeten regelen (art. 13, lid 2 en 3 Woningwet 1901, Stb. 1952, 362) en het opdragen van de leiding van het gemeenschappelijk toezicht aan één gemeente. Deze handeling wordt verricht indien gemeenten vrijwillig tot een overeenkomst inzake het gemeenschappelijk toezicht komen (art. 13, lid 5, Woningwet 1901 (Stb. 1952, 362)
Waardering: B 4
350
Actor: Minister van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM)
Handeling: Het stellen van (nadere) regels omtrent het toezicht op de uitvoering van de wet- en regelgeving op het terrein van de volkshuisvesting
Periode: 1945–
Grondslag: Toelatingsbesluit volkshuisvesting, art. 11, lid 4, (Stb. 1965, 330), Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting, art. 32, lid 3 (Stb. 1976, 469)
Bron:
Product: Circulaires
Opmerking:
Waardering: B 5
351
Actor: Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM)
Handeling: Het ontwikkelen van onderzoeksmethoden voor inspectiedoeleinden
Periode: 1945–
Grondslag:
Bron: J. v.d. Schaar, Volkshuisvesting in goud, p. 145
Product: Onderzoeksmethoden
Opmerking:
Waardering: B 1
- Regeling
- Vaststellingsbesluit selectielijst neerslag handelingen Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, beleidsterrein Volkshuisvesting 1945–1996
- Soort
- Archiefselectielijst
- Geldend vanaf
- 06-08-2005
- BWB-id
- BWBR0018408
- Versie
- 2005-08-06_0