wetzoeker

Artikel 1 Beleidsregel ontheffingen luchtwaardigheid

Algemeen

Aan de houder van een luchtvaartuig dat:

a. niet luchtwaardig is, of

b. niet voorzien is van een geldig bewijs van luchtwaardigheid,

wordt, indien de houder aantoont, dat een dringende noodzaak bestaat dat met dat luchtvaartuig een vlucht of een aantal vluchten wordt uitgevoerd en dat hij passende maatregelen zal nemen om zowel de interne veiligheid als de externe veiligheid in voldoende mate te waarborgen, een ontheffing verleend van het verbod als bedoeld in artikel 3.8, eerste lid, van de Wet luchtvaart.

Regeling
Beleidsregel ontheffingen luchtwaardigheid
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
14-07-2004
BWB-id
BWBR0016401
Versie
2004-07-14_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl