wetzoeker

Artikel 34b Wet kabelbaaninstallaties

Markttoezicht als bedoeld in de verordening (eu) nr. 2019/1020

1 De ingevolge artikel 34, eerste lid, aangewezen ambtenaren zijn bevoegd om, ter uitvoering van verordening (EU) nr. 2019/1020, onder verstrekking van onjuiste of onvolledige gegevens met betrekking tot hun identiteit en hoedanigheid, subsystemen of veiligheidscomponenten te verkrijgen ten behoeve van het controleren van de kenmerken van deze subsystemen of veiligheidscomponenten en de verificatie van de documenten en de hieraan gerelateerde handelingen te verrichten voor zover dat voor de vervulling van hun taak noodzakelijk is. Artikel 5:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.

2 De ambtenaar die gebruik heeft gemaakt van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, maakt daarvan een schriftelijk verslag op waarin hij vermeldt:

a. zijn naam of nummer en hoedanigheid;

b. de motivering van de noodzaak tot uitoefening van de bevoegdheid;

c. de voorschriften op de naleving waarvan wordt toegezien;

d. het adres, waaronder indien van toepassing, het elektronische adres waar het subsysteem of de veiligheidscomponent, is verkregen, en voor zover bekend, de omschrijving van de betrokken marktdeelnemer, bedoeld in artikel 3, onderdeel 13, van verordening (EU) nr. 2019/1020;

e. de onjuiste of onvolledige gegevens die zijn verstrekt bij de verkrijging van het subsysteem of de veiligheidscomponent;

f. de wijze waarop en het tijdvak waarin de handelingen hebben plaatsgevonden;

g. wat de uitkomst is van het onderzoek van het verkregen subsysteem of de verkregen veiligheidscomponent.

Regeling
Wet kabelbaaninstallaties
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2024
BWB-id
BWBR0016366
Versie
2024-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl