wetzoeker

Artikel 22 Wet kabelbaaninstallaties

Bouw en exploitatie van kabelbaaninstallaties

1 Een aanvraag voor een kabelbaanvergunning wordt gelijktijdig ingediend met de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet voor de desbetreffende installatie. Onze Minister bevordert een gecoördineerde voorbereiding en inhoudelijke afstemming van beide vergunningen. Burgemeester en wethouders van de betrokken gemeente verlenen de daarvoor benodigde medewerking.

2 Bij de aanvraag voor een kabelbaanvergunning wordt een kopie van de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit overgelegd, naast de documenten, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de verordening.

3 Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de aanvraag van een kabelbaanvergunning en de daarbij in te dienen gegevens en bescheiden.

Regeling
Wet kabelbaaninstallaties
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2024
BWB-id
BWBR0016366
Versie
2024-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl