wetzoeker

Besluit bepalingen Kabinet van de Koning

Besluit van 18 december 2003, houdende bepalingen over het Kabinet van de Koning

Soort
KB
Geldend vanaf
01-01-2020
Afkortingen
BbKK
Rechtsgebied
Staats- en bestuursrecht, Staatsrecht
Ministerie
Algemene Zaken
BWB-id
BWBR0016212
Versie
2020-01-01_0
SHA-256 bron
21111cc4ef5503923cfb7f5be034db625ac19ddf9d98942e133cd20f4ddc82ab

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (7)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 3a
  5. Artikel 4
  6. Artikel 5
  7. Artikel 6

Artikel 1

Het Kabinet van de Koning heeft tot taak de Koning ten behoeve van de uitoefening van diens constitutionele taken te ondersteunen inzake:

a. het verkeer tussen de Koning en de overige leden van de regering;

b. contacten met andere organen van de overheid, ontvangsten, bezoeken en overige toegang tot de Koning;

c. verzoekschriften aan de Koning;

d. de zorg voor het registeren, bewaren en overdragen van wetten, koninklijke besluiten en andere staatsstukken.

Artikel 2

1 Aan het hoofd van het Kabinet van de Koning staat een directeur.

2 De directeur wordt benoemd en ontslagen bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister-President, Minister van Algemene Zaken, in overeenstemming met Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Artikel 3

De directeur van het Kabinet van de Koning verschaft Onze Minister wie het aangaat tijdig alle inlichtingen die voor de uitvoering van de taak van Onze Minister van belang kunnen zijn.

Artikel 3a

1 Ten aanzien van de ambtenaren van het Kabinet van de Koning gelden de voor alle ambtenaren geldende arbeidsvoorwaarden die zijn opgenomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor ambtenaren die krachtens een arbeidsovereenkomst met de Staat werkzaam zijn.

2 Op verzoek van het Kabinet van de Koning kunnen in de collectieve arbeidsovereenkomst, bedoeld in het eerste lid, andere arbeidsvoorwaarden voor de ambtenaren van het Kabinet van de Koning worden opgenomen.

Artikel 4

Het Kabinet van de Koning verricht zijn werkzaamheden binnen het raam van de middelen die jaarlijks ingevolge de begrotingswet ter beschikking worden gesteld.

Artikel 5

De besluiten van 22 december 1840, nr. 44, en 14 december 1893, nr. 17, worden ingetrokken.

Artikel 6

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2004.