wetzoeker

Regeling instelling Commissie Evaluatie Vreemdelingenwet 2000

Regeling van de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie en de Minister voor Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties van 17 december 2003, nr. 5257327, houdende de instelling van de Commissie Evaluatie Vreemdelingenwet 2000

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
19-10-2005
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Staats- en bestuursrecht
Ministerie
Veiligheid en Justitie
BWB-id
BWBR0016186
Versie
2005-10-19_0
SHA-256 bron
5d4efed66bc24ab69242a458cfecaf1f4173a897ed29a7f3ef4c458bb0734e33

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (7)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7

Artikel 1

Er is een Commissie Evaluatie Vreemdelingenwet 2000, verder te noemen de commissie.

Artikel 2

1 De commissie heeft tot taak:

a. het bewaken van de doelstellingen van de evaluatie en het adviseren bij de uitwerking ervan in deelonderzoeken;

b. het houden van toezicht op de voortgang en de bewaking van de samenhang tussen de deelonderzoeken;

c. het adviseren van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum bij het samenstellen van deelcommissies, die als begeleidingscommissie functioneren bij de verschillende deelonderzoeken naar de gevolgen van de Vreemdelingenwet 2000 voor de kwaliteit van primaire besluiten op asielaanvragen, de duur van de asielprocedure, het vreemdelingentoezicht en de terugkeer van vreemdelingen;

d. het bespreken van de eindrapportages met het oog op de doelstellingen van de evaluatie;

e. drie maanden na het gereed komen van het onderzoek advies en verslag uit te brengen.

2 Het verslag van de commissie bestaat uit een verslag van werkzaamheden alsmede een eigen advies in aanvulling op de resultaten van het evaluatieonderzoek van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum.

Artikel 3

De commissie bestaat uit zeven leden, waaronder een voorzitter.

Artikel 4

1 De commissie brengt haar verslag en advies uit aan de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie.

2 De werkzaamheden van de commissie worden voortgezet tot het moment, waarop het eindrapport zal worden aangeboden. Hierna wordt de commissie opgeheven.

Artikel 5

De archiefbescheiden van de commissie worden na opheffing van de commissie, of zo de omstandigheden daartoe eerder aanleiding geven, zoveel eerder, overgebracht naar het archief van het Ministerie van Justitie.

Artikel 6

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 7

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling instelling Commissie Evaluatie Vreemdelingenwet 2000.