wetzoeker

Artikel 12 Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid

1 Indien degene die meent dat te zijnen nadeel een onderscheid is of wordt gemaakt als bedoeld in deze wet, in rechte feiten aanvoert die dat onderscheid kunnen doen vermoeden, dient de wederpartij te bewijzen dat niet in strijd met deze wet is gehandeld.

2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op vorderingen als bedoeld in artikel 305a van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek of artikel 305a van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek BES en op beroepen ingesteld door belanghebbenden in de zin van artikel 1:2, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht of artikel 7, eerste lid, derde zin, van de Wet administratieve rechtspraak BES.

Regeling
Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid
Afkortingen
WGBLA
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0016185
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl