wetzoeker

Verordening bezoldiging tuchtgerechten PBO

Verordening van de Sociaal-Economische Raad van 21 november 2003 houdende regelen terzake van de bezoldiging van de voorzitter, de leden en de secretaris van een tuchtgerecht op grond van de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2002 (Verordening bezoldiging tuchtgerechten PBO)

Soort
PBO-regeling
Geldend vanaf
01-04-2004
Rechtsgebied
Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht, Financieel en economisch recht, Ondernemingspraktijk
Ministerie
Sociaal-Economische Raad
BWB-id
BWBR0015930
Versie
2004-04-01_0
SHA-256 bron
80f8557cdd5b8babc6e776a341d1845c0adc4e1e24be7f42ad34ac599229fa90

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (10)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Bijlage — bij de Verordening bezoldiging tuchtgerechten PBO

§ 1 — Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze verordening wordt verstaan onder:

a. tuchtgerecht: een tuchtgerecht als bedoeld in artikel 7 van de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2002;

b. Raad: Sociaal-Economische Raad;

c. Bestuurskamer: commissie van de Raad, ingesteld op grond van artikel 19 van de Wet op de bedrijfsorganisatie;

d. zitting: terechtzitting ter mondelinge behandeling van zaken.

§ 2 — Bezoldiging

Artikel 2

1 De bezoldiging van de voorzitter van een tuchtgerecht houdt in:

a. per jaar een bedrag ter hoogte van twee-, drie-, dan wel viermaal de voor leden van de Raad vastgestelde forfaitaire vergoeding voor representatiekosten, afhankelijk van het aantal zaken dat door het tuchtgerecht is behandeld in het kalenderjaar dat aan het desbetreffende jaar is voorafgegaan, overeenkomstig de tabel die als bijlage bij deze verordening is gevoegd;

b. per zitting een bedrag ter hoogte van driemaal de voor leden van de Raad vastgestelde vacatievergoeding;

c. per zaak die zonder zitting wordt afgedaan een bedrag ter hoogte van de helft van de voor leden van de Raad vastgestelde vacatievergoeding; en

d. een vergoeding voor reis- en verblijfkosten, overeenkomstig de voor leden van de Raad geldende regeling.

2 Het eerste lid is, met uitzondering van onderdeel a, van toepassing op de plaatsvervangend voorzitter die als voorzitter optreedt.

3 Het eerste lid, onderdeel a, is van overeenkomstige toepassing op de plaatsvervangend voorzitter die tevens fungeert als voorzitter van een kamer van het tuchtgerecht.

4 De Bestuurskamer kan bij besluit een bedrijfslichaam toestaan af te wijken van de grenswaarden in de tabel, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a.

§ 2 — Bezoldiging

Artikel 3

De bezoldiging van de leden van een tuchtgerecht en hun plaatsvervangers houdt in:

a. per zitting een bedrag ter hoogte van tweemaal de voor leden van de Raad vastgestelde vacatievergoeding; en

b. een vergoeding voor reis- en verblijfkosten, overeenkomstig de voor leden van de Raad geldende regeling.

§ 2 — Bezoldiging

Artikel 4

Indien een zitting niet langer duurt dan vier uren, worden de in artikel 2, eerste lid, onder b, en artikel 3, onder a, bedoelde bedragen gehalveerd.

§ 2 — Bezoldiging

Artikel 5

De bezoldiging van de secretaris van een tuchtgerecht en van zijn plaatsvervanger is gebaseerd op de beloningsparagraaf van de geldende collectieve arbeidsovereenkomst voor de publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie, met dien verstande dat de hoogte van de beloning ten minste overeenkomt met het minimum van salarisschaal 11 en ten hoogste met het maximum van salarisschaal 14.

§ 3 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 6

Voor de periode die aanvangt met de inwerkingtreding van dit besluit en die eindigt op 31 december van het daaropvolgende jaar, stelt de Bestuurskamer het aantal zaken, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a, bij besluit vast.

§ 3 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 7

Deze verordening wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

§ 3 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 8

Deze verordening treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2002 in werking treedt.

§ 3 — Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 9

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening bezoldiging tuchtgerechten PBO.

Bijlage — bij de Verordening bezoldiging tuchtgerechten PBO

Bijlage — bij de Verordening bezoldiging tuchtgerechten PBO

Tabel, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a

Grenswaarden | hoogte van het bedrag

minder dan 50 zaken | tweemaal | de voor leden van de Raad

50 – 150 zaken | driemaal | vastgestelde forfaitaire

Meer dan 150 zaken | viermaal | vergoeding