wetzoeker

Tekst Selectielijst neerslag handelingen m.b.t. Emancipatie en gelijke behandeling vanaf 1965-heden, Verkeer en Waterstaat

Instelling

70

Handeling: Het stellen van nadere regels voor haar werkwijze en procedures.

Periode: 1989–1994

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1989, art. 15, lid 1

Opmerking: Vóór 1989 stelde de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de regels voor de werkwijzen en procedures van de commissie vast.

Waardering:

Benoemingen

85

Handeling: Het voordragen ter benoeming door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van een persoon die de Commissie kan bijstaan bij de uitoefening van haar taak.

Periode: 1975–1989

Grondslag: Wet gelijk loon voor vrouwen en mannen, 1975, art. 12. lid 2

Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1980, art. 6, lid 6

Product: Voordracht ter benoeming

Waardering:

98

Handeling: Het adviseren van de minister van Justitie inzake de benoeming, bevordering, schorsing, of het ontslag van een persoon die tot het bureau van de Commissie gelijke behandeling behoort.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 17, lid 2

Product: Advies

Waardering:

Advisering

101

Handeling: Het onderzoeken en beoordelen of er een onwettig onderscheid is gemaakt in de beloning of behandeling van mannen en vrouwen bij de arbeid.

Periode: 1975–1994

Grondslag: Wet gelijk loon voor vrouwen en mannen, 1975, art. 10, lid 1 en lid 3

Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1980, art. 6, lid 1

Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1989, art. 14, lid 1 en lid 4

Product: Rapport

Opmerking: De commissie brengt haar oordeel ter kennis van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, en van betrokken werkgever(s). De commissie deelt haar oordeel pas aan een werkgevers- of werknemersorganisatie mee, nadat zij de betrokken werkgever(s) in de gelegenheid heeft gesteld hun mening te kennen te geven.

Het betreft hier onderzoeken naar individuele gevallen.

Waardering:

102

Handeling: Het onderzoeken en beoordelen of er een onwettig onderscheid is gemaakt in de behandeling van mannen en vrouwen bij de arbeid in de burgerlijke openbare dienst.

Periode: 1980–1989

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen in de burgerlijke openbare dienst, 1980, art. 3, lid 4

Product: Rapport

Opmerking: De commissie brengt haar oordeel ter kennis van de ministers van Binnenlandse Zaken, en van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk / Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, en van de centrales van overheidspersoneel die deel uitmaken van de Centrale commissie voor georganiseerd overleg in ambtenarenzaken, en waar mogelijk aan betrokken overlegorganen. De commissie deelt haar oordeel pas aan een zodanige organisatie of zodanig overlegorgaan mee, nadat zij het bevoegd gezag dat het onderscheid zou hebben gemaakt, in de gelegenheid heeft gesteld haar mening te kennen te geven.

Het betreft hier onderzoeken naar individuele gevallen.

Waardering:

103

Handeling: Het verzoeken aan de minister van Binnenlandse Zaken tot het instellen van een onderzoek naar een onwettig onderscheid in de behandeling van mannen en vrouwen bij de arbeid in de burgerlijke openbare dienst.

Periode: 1980–1989

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen in de burgerlijke openbare dienst, 1980, art. 3, lid 6

Product: Verzoekschrift

Opmerking: Na de opheffing van deze commissie in 1989 kreeg de minister van Binnenlandse Zaken de mogelijkheid zich tot de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te wenden met een verzoek tot een dergelijk onderzoek.

Het betreft hier onderzoeken naar individuele gevallen.

Waardering:

105

Handeling: Het verzoeken aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid tot het instellen van een onderzoek naar een onwettig onderscheid in de behandeling van mannen en vrouwen bij de arbeid.

Periode: 1980–1994

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1980, art. 6, lid 3

Product: Verzoekschrift

Opmerking: Het betreft hier onderzoeken naar individuele gevallen.

Waardering:

108

Handeling: Het op verzoek of uit eigen beweging onderzoeken en beoordelen of er een onwettig onderscheid is gemaakt tussen personen op grond van godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, nationaliteit, hetero- of homoseksuele gerichtheid, of burgerlijke staat.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 12 en art. 13

Product: Rapport

Opmerking: De Commissie brengt haar oordeel ter kennis van de verzoeker, van degene die het onderscheid zou maken, alsmede van degene jegens wie het onderscheid zou worden gemaakt. Daarnaast kan de Commissie haar oordeel ter kennis brengen van betrokken ministers, van werkgevers- en werknemersorganisaties, van eindgebruikers van goederen of diensten, en van betrokken overlegorganen.

Nadere uitwerking van de bij onderzoek, oordeel en kennisgeving te volgen procedure is beschreven in het Besluit werkwijze commissie gelijke behandeling (Stb.1994/606).

Het betreft hier onderzoeken naar individuele gevallen.

Waardering:

Verantwoording en verslaglegging

De Commissie gelijke behandeling van mannen en vrouwen bij de arbeid

109

Handeling: Het jaarlijks verslag doen van haar werkzaamheden aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en aan de vakministers.

Periode: 1975–1994

Grondslag: Wet gelijk loon voor vrouwen en mannen, 1975, art. 14

Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1980, art. 6, lid 6

Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1989, art. 19

Product: Jaarverslagen

Opmerking: Van 1975 tot 1980 werden de jaarverslagen enkel aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid uitgebracht.

Van 1980 tot 1989 werden de jaarverslagen uitgebracht aan de ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van Justitie, van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk, en van Onderwijs en Wetenschappen, en hun taakopvolgers.

Vanaf 1989 werden de jaarverslagen behalve aan de hierboven genoemde ministers tevens uitgebracht aan de minister van Binnenlandse Zaken, de Staten Generaal, de Sociaal-Economische Raad, en aan de Emancipatieraad.

Waardering:

110

Handeling: Het jaarlijks verslag doen van haar werkzaamheden aan de ministers van Binnenlandse Zaken, en van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk / Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur.

Periode: 1980–1989

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen in de burgerlijke openbare dienst, 1980, art. 3, lid 8

Product: Jaarverslagen

Waardering:

111

Handeling: Het jaarlijks verslag doen van haar werkzaamheden.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 20, lid 1

Product: Jaarverslagen

Opmerking: De Commissie zendt dit verslag in ieder geval aan de ministers die het aangaat, en aan de adviesorganen die het aangaat.

Waardering:

112

Handeling: Het vijfjaarlijks rapporteren aan de minister van Binnenlandse Zaken over haar bevindingen ten aanzien van de werking in de praktijk van de Algemene wet gelijke behandeling, de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, en artikel 1637ij van het BW / art. 646, boek 7, NBW.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 20, lid 2

Product: Rapporten

Waardering:

Regeling
Selectielijst neerslag handelingen m.b.t. Emancipatie en gelijke behandeling vanaf 1965-heden, Verkeer en Waterstaat
Soort
Archiefselectielijst
Geldend vanaf
07-12-2003
BWB-id
BWBR0015419
Versie
2003-12-07_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl