wetzoeker

Artikel 2 Rijkswet cassatierechtspraak in uitleveringszaken voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten

1 De Hoge Raad der Nederlanden neemt in uitleveringszaken kennis van het beroep in cassatie tegen de einduitspraken van het Gemeenschappelijk Hof ingesteld door de procureur-generaal van een van de landen of door de opgeëiste persoon.

2 Artikel 31, vijfde en zesde lid, van de Uitleveringswet alsmede de artikelen 431, 432, 434, eerste lid, 438, 439, 440, eerste lid, 442, 443, 444, 450, eerste lid, 451, 451a, 452, 453, 454, eerste, tweede en derde lid, 455, eerste lid en artikel 6:1:16 van het Wetboek zijn van overeenkomstige toepassing.

3 Als raadsman van de opgeëiste persoon kunnen bij de Hoge Raad ook optreden advocaten, ingeschreven bij het Gemeenschappelijk Hof.

Regeling
Rijkswet cassatierechtspraak in uitleveringszaken voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten
Soort
Rijkswet
Geldend vanaf
01-04-2020
BWB-id
BWBR0015050
Versie
2020-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl