wetzoeker

Artikel 51f Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens

De verwerking van gerechtelijke strafgegevens

1 De artikelen 3, 7, 7a, 7b, 7d tot en met 7f, 15, 16, 16a, 17a, 17b en 20 tot en met 25, zijn van overeenkomstige toepassing op gerechtelijke strafgegevens.

2 Bij de overeenkomstige toepassing van de artikelen, bedoeld in het eerste lid, wordt in de artikelen waar over «Onze Minister» wordt gesproken «een gerecht als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie» gelezen.

3 De betrokkene heeft het recht om op diens schriftelijke verzoek binnen vier weken van een gerecht als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de rechterlijke organisatie uitsluitsel te krijgen over de al dan niet verwerking van hem betreffende gerechtelijke strafgegevens en, wanneer dat het geval is, om die gerechtelijke strafgegevens in te zien en hierover de informatie, bedoeld in artikel 18, onderdelen a tot en met g, te verkrijgen. Het gerecht doet daarbij geen mededelingen in schriftelijke vorm over de verwerking van de betrokkene betreffende gerechtelijke strafgegevens, tenzij het gerecht weigert een mededeling te doen. Een gehele of gedeeltelijke afwijzing vindt schriftelijk plaats.

Regeling
Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens
Afkortingen
WJG, Wjsg
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-09-2026
BWB-id
BWBR0014194
Versie
2026-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl