wetzoeker

Wijzigingswet Beroepswet (openstellen van hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep tegen uitspraken omtrent besluiten van diverse stichtingen)

Wet van 31 oktober 2002 tot wijziging van de Beroepswet in verband met het openstellen van hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep tegen uitspraken omtrent besluiten van de Stichting Maror-gelden Overheid, de Stichting Joods Humanitair Fonds, de Stichting Rechtsherstel Sinti en Roma en de Stichting Het Gebaar

Soort
Wet
Geldend vanaf
13-11-2002
Rechtsgebied
Bestuursprocesrecht, Procesrecht
Ministerie
Veiligheid en Justitie
BWB-id
BWBR0014167
Versie
2002-11-13_0
SHA-256 bron
1a97c194630194ed9db4f8dbc777664a624ffde8946650540b2760158b2ee0a4

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (3)
  1. Artikel I
  2. Artikel II
  3. Artikel III

Artikel I

Wijzigt de Beroepswet.

Artikel II

1 In afwijking van artikel 28a, aanhef en onderdeel a, van de Beroepswet is onderdeel B.20 van de bijlage bij de Beroepswet ook van toepassing op de mogelijkheid hoger beroep in te stellen tegen een uitspraak die voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet is bekendgemaakt.

2 Een op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet bij de Afdeling bestuursrechtspraak aanhangig hoger beroep betreffende een besluit op grond van een reglement als bedoeld in onderdeel B.20 van de bijlage bij de Beroepswet wordt van rechtswege in de stand waarin het zich bevindt, verwezen naar de Centrale Raad van Beroep.

3 Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet beroep of hoger beroep is ingesteld terzake van een besluit op grond van een reglement als bedoeld in onderdeel B.20 van de bijlage bij de Beroepswet, blijft ten aanzien van het verschuldigde griffierecht het recht van toepassing dat gold voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.

Artikel III

Onder toepassing van artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet treedt deze wet in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin zij wordt geplaatst.