wetzoeker

Artikel 9 Uitvoeringsregeling BTW-compensatiefonds

1 Indien een goed als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, in het kalenderjaar van aanschaf, of ingebruikneming, dan wel binnen de in artikel 8, tweede lid, of derde lid voor zover het betreft de aldaar bedoelde investeringsdiensten, bedoelde herzieningsperiode, al dan niet als ondernemer wordt geleverd, wordt het publiekrechtelijk lichaam of regionaal openbaar lichaam geacht dat goed of de aan het goed verrichte investeringsdiensten, vanaf het tijdstip van levering tot aan het einde van de vorenbedoelde herzieningsperiode te gebruiken voor activiteiten waarvoor geen recht op compensatie bestaat.

2 Indien een goed als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel b, in het kalenderjaar van aanschaf, dan wel van ingebruikneming, al dan niet als ondernemer wordt geleverd, wordt het publiekrechtelijk lichaam of regionaal openbaar lichaam geacht dat goed vanaf het tijdstip van levering tot aan het einde van dat jaar te gebruiken voor activiteiten waarvoor geen recht op compensatie bestaat.

3 De herziening bedoeld in het eerste en tweede lid blijft achterwege als het goed wordt overgedragen aan een lichaam als bedoeld in artikel 1, eerste lid, letters c en d, van de Wet op het BTW-compensatiefonds en dat lichaam het goed blijft gebruiken voor handelingen waarvoor recht op compensatie bestaat. In dat geval wordt het overnemende lichaam geacht in de plaats te treden van het overdragende lichaam wat betreft de herziening van het recht op bijdrage voor dat goed.

4 De herziening geschiedt in één keer bij de opgaaf over het kalenderjaar waarin de levering plaatsvindt.

Regeling
Uitvoeringsregeling BTW-compensatiefonds
Afkortingen
Uitv reg BTWcf
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-04-2026
BWB-id
BWBR0014121
Versie
2026-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl