wetzoeker

Artikel 6 Verordening PT bestemmingsheffing vruchtenwijn 2003

Heffing

1 De oplegging van de krachtens deze verordening verschuldigde heffing vindt plaats na afloop van het jaar waarover de heffing verschuldigd is en geschiedt door de voorzitter door middel van toezending of uitreiking aan de ondernemer van een heffingsnota.

2 iedere heffingsnota is gedagtekend en bevat ten minste:

a. naam en adres van de ondernemer;

b. een specificatie of toelichting omtrent de wijze waarop de heffing is berekend, en

c. het totaal van de heffing.

3 In afwijking van het eerste lid, kan de voorzitter de ondernemer een voorlopige heffing opleggen tot het bedrag waarop de heffing vermoedelijk zal worden vastgesteld. De voorlopige heffing wordt verrekend met de krachtens deze verordening verschuldigde heffing.

4 Voorschotten als bedoeld in het derde lid, worden verrekend met de krachtens deze verordening verschuldigde heffing.

Regeling
Verordening PT bestemmingsheffing vruchtenwijn 2003
Soort
PBO-regeling
Geldend vanaf
01-01-2003
BWB-id
BWBR0013848
Versie
2003-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl