wetzoeker

Artikel 9 Wet op het onderwijstoezicht

Taken en bevoegdheden van de inspectie

1 Bij de uitoefening van de taken van de inspectie zijn, voorzover deze niet het toezicht op de naleving van bij of krachtens een onderwijswet als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, sub 1, gegeven voorschriften betreffen, de artikelen 5:12 tot en met 5:17 en 5:20, eerste en tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht van overeenkomstige toepassing.

2 De bevoegdheden, bedoeld in de artikelen genoemd in het eerste lid, worden uitgeoefend door daartoe door Onze Minister aangewezen personen.

3 Onze Minister is bevoegd tot overeenkomstige toepassing van artikel 5:20, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht ten aanzien van de in het tweede lid bedoelde personen.

4 Van een besluit tot aanwijzing als bedoeld in het tweede lid wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.

5 De kosten die samenhangen met de uitoefening van het toezicht op de naleving van de artikelen 1.19 en 1.19a van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, komen ten laste van de instelling voor hoger onderwijs ten behoeve waarvan de uitoefening van het toezicht plaatsvindt.

6 De bedragen ter vergoeding van de kosten worden bij ministeriële regeling vastgesteld.

Regeling
Wet op het onderwijstoezicht
Afkortingen
WOT
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-08-2026
BWB-id
BWBR0013800
Versie
2026-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl