wetzoeker

Artikel 60 Uitvoeringswet Internationaal Strafhof

Voorlopige maatregelen

1 Op verzoek van het Strafhof kan de persoon die door het Strafhof is veroordeeld tot een gevangenisstraf en zich in vrijheid bevindt, voorlopig worden aangehouden, indien gegronde redenen bestaan voor de verwachting dat deze straf in Nederland ten uitvoer zal worden gelegd.

2 De artikelen 13 tot en met 17 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:

a. de bewaring wordt bevolen voor een termijn van ten hoogste dertig dagen en op vordering van de officier van justitie telkens met een termijn van ten hoogste dertig dagen kan worden verlengd, totdat de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf overeenkomstig artikel 67, vierde lid, of artikel 68, tweede lid, een aanvang neemt;

b. de in artikel 16, vijfde lid, genoemde termijn dertig dagen bedraagt.

Regeling
Uitvoeringswet Internationaal Strafhof
Afkortingen
Uw IS
Soort
Rijkswet
Geldend vanaf
01-04-2020
BWB-id
BWBR0013796
Versie
2020-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl