wetzoeker

Artikel 3 Wet lidmaatschap koninklijk huis

1 Lid van het koninklijk huis blijven zij die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet meerderjarig lid zijn van het koninklijk huis en krachtens de Grondwet de Koning kunnen opvolgen. Zij behouden hun lidmaatschap zolang zij krachtens de Grondwet de Koning kunnen opvolgen.

2 Lid blijven voorts de echtgenoten van hen die ingevolge het eerste lid het lidmaatschap van het koninklijk huis bezitten.

3 Op hen die als echtgenoten het lidmaatschap van het koninklijk huis bezaten, is artikel 2, tweede lid, van toepassing.

Regeling
Wet lidmaatschap koninklijk huis
Afkortingen
Wlkh
Soort
Wet
Geldend vanaf
12-06-2002
BWB-id
BWBR0013729
Versie
2002-06-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl