wetzoeker

Artikel 20 Bemanningsbesluit Arubaanse, Curaçaose en Sint Maartense zeeschepen

Algemene bepalingen

1 De vaarbevoegdheden kunnen alleen worden uitgeoefend aan boord van olietankschepen, chemicaliëntankschepen, gastankschepen, stoomschepen of op een andere bij landsbesluit, houdende algemene maatregelen, aan te wijzen categorie van schepen, indien dit uitdrukkelijk is aangegeven op het vaarbevoegdheidsbewijs.

2 Een vaarbevoegdheid is uitgebreid of beperkt tot een bepaalde categorie schepen, dan wel tot een bepaald brutotonnage, respectievelijk een bepaald voortstuwingsvermogen, indien deze uitbreiding, respectievelijk beperking uitdrukkelijk op het vaarbevoegdheidsbewijs is opgenomen.

3 De vaarbevoegdheden als eerste maritiem officier kleine schepen en maritiem officier kleine schepen zijn uitsluitend geldig op schepen van minder dan 3000 GT en een voortstuwingsvermogen van minder dan 3000 kW.

Regeling
Bemanningsbesluit Arubaanse, Curaçaose en Sint Maartense zeeschepen
Soort
Rijks-KB
Geldend vanaf
10-10-2010
BWB-id
BWBR0013361
Versie
2010-10-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl