wetzoeker

Artikel 1.2.5 Vuurwerkbesluit

Algemene bepalingen

1 Het is verboden handelingen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder c, d en e, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen te verrichten, voor zover het betreft handelingen met vuurwerk of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik, anders dan:

a. het laten staan en het laten liggen van een vervoermiddel waarin of waarop zich vuurwerk of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik bevinden, in verband met:

1°. de toepassing van artikel 1.2.4, tweede lid, onder b,

2°. een wettelijk voorschrift dat dat voorschrijft in verband met weersomstandigheden.

b. het ononderbroken beladen van een vervoermiddel met vuurwerk of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik en het ononderbroken lossen daaruit, of

c. het met een omgevingsvergunning voor het opslaan van vuurwerk of van pyrotechnische artikelen voor theatergebruik voor korte tijd en in afwachting van aansluitend vervoer naar een vooraf bekende ontvanger, bedoeld in artikel 3.286, eerste lid, onder i, van het Besluit activiteiten leefomgeving:

1°. laten staan en laten liggen van een vervoermiddel waarin of waarop zich vuurwerk of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik bevinden,

2°. beladen van een vervoermiddel met vuurwerk of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik en het lossen daaruit, of

3°. nederleggen tijdens het vervoer van vuurwerk of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik.

2 Het is verboden verpakt of onverpakt consumentenvuurwerk, dan wel professioneel vuurwerk of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik te vervoeren, tenzij degene die vervoert tijdens dat vervoer schriftelijk kan aantonen door middel van een vrachtbrief als bedoeld in artikel 2.13 van de Wet wegvervoer goederen, dan wel door middel van een cognossement als bedoeld in boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, dat de artikelen zijn bestemd voor een natuurlijk persoon of een rechtspersoon:

a. die ingevolge het Besluit activiteiten leefomgeving, dit vuurwerk of deze pyrotechnische artikelen voor theatergebruik mag opslaan,

b. die houder is van een vergunning als bedoeld in artikel 3B.1, eerste lid, of

c. wiens gegevens, als het vuurwerk of pyrotechnische artikelen voor theatergebruik buiten het grondgebied van Nederland worden gebracht, zijn verstrekt bij de melding, bedoeld in artikel 1.3.2, vierde lid, onder f;

d. die houder is van een ontheffing als bedoeld in artikel 9.2.2.1a, vierde lid, van de Wet milieubeheer.

Regeling
Vuurwerkbesluit
Afkortingen
VWB
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-08-2026
BWB-id
BWBR0013360
Versie
2026-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl