wetzoeker

Artikel 7.29 Vissersvaartuigenbesluit 2002

Bepalingen ten aanzien van reddingsmiddelen en -voorzieningen

1 Een valschermsignaal voldoet aan de volgende eisen:

1°. het is verpakt in een waterbestendige houder;

2°. op de houder zijn korte en duidelijke aanwijzingen of pictogrammen voor het gebruik aangebracht;

3°. het heeft een ingebouwd ontstekingsmechanisme, en

4°. het is zo ontworpen dat het voor de persoon die de houder vasthoudt, geen gevaar oplevert, wanneer het wordt gebruikt overeenkomstig de gebruiksaanwijzingen van de fabrikant.

2 Een valschermsignaal bereikt, wanneer het loodrecht omhoog wordt afgeschoten, een hoogte van ten minste 300 m. Op of nabij het hoogtepunt van de baan geeft de raket een valschermsignaal af dat:

1°. met een helder rode kleur brandt;

2°. gelijkmatig een gemiddelde lichtsterkte van ten minste 30 000 cd afgeeft;

3°. een brandduur heeft van ten minste 40 seconden;

4°. een daalsnelheid heeft van niet meer dan 5 m/s, en

5°. het valscherm of de verbindingen daarmee tijdens het branden niet beschadigt.

Regeling
Vissersvaartuigenbesluit 2002
Soort
Rijks-KB
Geldend vanaf
01-01-2017
BWB-id
BWBR0013342
Versie
2017-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl