wetzoeker

Artikel 2.16 Vissersvaartuigenbesluit 2002

Constructie, waterdichte indeling en uitrusting

1 Werkdekken zijn voorzien van een efficiënt afvoersysteem met een voldoende draineringscapaciteit om het waswater en de ingewanden van de vis af te voeren.

2 Alle voor de visserijactiviteit nodige openingen zijn voorzien van middelen die door één persoon snel en doeltreffend kunnen worden afgesloten.

3 Wanneer de vangst voor behandeling of verwerking op het werkdek wordt gebracht, wordt zij in een vangkamer geplaatst. De vangkamers voldoen aan het bepaalde in artikel 3.11. Er is een efficiënt afvoersysteem geïnstalleerd. Tevens wordt voorzien in een adequate bescherming tegen onverhoeds op het werkdek stromend water.

4 De dekken zijn met ten minste twee afvoeropeningen uitgerust.

5 De vrije hoogte in de werkruimte bedraagt overal ten minste twee meter.

6 Er is een vast ventilatiesysteem aangebracht waarmee de lucht ten minste zes keer per uur wordt ververst.

Regeling
Vissersvaartuigenbesluit 2002
Soort
Rijks-KB
Geldend vanaf
01-01-2017
BWB-id
BWBR0013342
Versie
2017-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl