Invoeringswet Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen
Wet van 29 november 2001 tot invoering van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen (Invoeringswet Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen)
- Soort
- Wet
- Geldend vanaf
- 01-08-2009
- Rechtsgebied
- Arbeidsrecht, Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht, Sociaal zekerheidsrecht
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- BWB-id
- BWBR0013061
- Versie
- 2009-08-01_0
- SHA-256 bron
- bc4ba201c8641b0e3c3740260f4fd647bf45929f03e24067dc0a1c0ec08cfdbf
Inhoud (135)
- Artikel 1
- Artikel 2
- Artikel 3
- Artikel 4
- Artikel 5
- Artikel 6
- Artikel 7
- Artikel 8
- Artikel 9
- Artikel 10
- Artikel 11
- Artikel 12
- Artikel 13
- Artikel 14
- Artikel 15
- Artikel 16
- Artikel 17
- Artikel 18
- Artikel 19
- Artikel 20
- Artikel 21
- Artikel 22
- Artikel 23
- Artikel 24
- Artikel 25
- Artikel 26
- Artikel 27
- Artikel 28
- Artikel 29
- Artikel 30
- Artikel 31
- Artikel 32
- Artikel 33
- Artikel 34
- Artikel 35
- Artikel 36
- Artikel 37
- Artikel 38
- Artikel 39
- Artikel 40
- Artikel 41
- Artikel 42
- Artikel 43
- Artikel 44
- Artikel 45
- Artikel 46
- Artikel 47
- Artikel 48
- Artikel 49
- Artikel 50
- Artikel 51
- Artikel 52
- Artikel 53
- Artikel 54
- Artikel 55
- Artikel 56
- Artikel 57
- Artikel 58
- Artikel 59
- Artikel 60
- Artikel 61
- Artikel 62
- Artikel 63
- Artikel 64
- Artikel 65
- Artikel 66
- Artikel 67
- Artikel 68
- Artikel 69
- Artikel 70
- Artikel 71
- Artikel 72
- Artikel 73
- Artikel 74
- Artikel 75
- Artikel 76
- Artikel 77
- Artikel 78
- Artikel 79
- Artikel 80
- Artikel 81
- Artikel 82
- Artikel 83
- Artikel 84
- Artikel 85
- Artikel 86
- Artikel 87
- Artikel 88
- Artikel 89
- Artikel 90
- Artikel 91
- Artikel 92
- Artikel 93
- Artikel 94
- Artikel 95
- Artikel 96
- Artikel 97
- Artikel 98
- Artikel 99
- Artikel 100
- Artikel 101
- Artikel 102
- Artikel 103
- Artikel 104
- Artikel 105
- Artikel 106
- Artikel 107
- Artikel 108
- Artikel 109
- Artikel 110
- Artikel 111
- Artikel 112
- Artikel 113
- Artikel 114
- Artikel 115
- Artikel 116
- Artikel 117
- Artikel 118
- Artikel 119
- Artikel 120
- Artikel 121
- Artikel 122
- Artikel 123
- Artikel 124
- Artikel 125
- Artikel 126
- Artikel 127
- Artikel 128
- Artikel 129
- Artikel 130
- Artikel 131
- Artikel 132
- Artikel 133
- Inhoudsopgave (deel 1)
- Inhoudsopgave (deel 2)
Hoofdstuk 1 — Definities
Artikel 1
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. Onze Minister: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
b. Raad voor werk en inkomen: de Raad voor werk en inkomen, genoemd in hoofdstuk 3 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
c. Centrale organisatie werk en inkomen: de Centrale organisatie werk en inkomen, genoemd in hoofdstuk 4 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
d. Centrum voor werk en inkomen: een Centrum voor werk en inkomen als bedoeld in artikel 24 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
e. Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
f. Sociale verzekeringsbank: de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
g. Raad van bestuur: een Raad van bestuur als bedoeld in artikel 3 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
h. Raad van advies: een Raad van advies als bedoeld in artikel 3 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
i. het College van toezicht sociale verzekeringen: het College van toezicht sociale verzekeringen, genoemd in hoofdstuk 2 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 zoals deze luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet;
j. Landelijk instituut sociale verzekeringen: het Landelijk instituut sociale verzekeringen, genoemd in hoofdstuk 4 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 zoals deze luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet;
k. uitvoeringsinstelling: een uitvoeringsinstelling als bedoeld in artikel 41 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 zoals deze luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet;
l. Arbeidsvoorzieningsorganisatie: de Arbeidsvoorzieningsorganisatie en de daartoe behorende organen, genoemd in hoofdstuk 2 van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 zoals deze luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 2
1 De Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 en de Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 worden ingetrokken.
2 Voor de verschillende artikelen of onderdelen van de artikelen van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 en de Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 kan bij koninklijk besluit het tijdstip waarop deze vervallen verschillend worden gesteld.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 3
1 De Sociale Verzekeringsbank, genoemd in artikel 17 van Organisatiewet sociale verzekeringen 1997, zoals deze luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, wordt als rechtspersoon gehandhaafd en is de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
2 De artikelen 18, 19, eerste, derde en vierde lid, 20, 22, 23 en 24 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 en de op grond daarvan gestelde regels, zoals deze luidden op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, blijven tot 1 januari 2003 van toepassing, met dien verstande dat de periode van benoeming van leden en plaatsvervangende leden van het bestuur zich niet langer dan tot 1 januari 2003 kan uitstrekken.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 4
1 Alle vermogensbestanddelen van het Landelijk instituut sociale verzekeringen gaan over op het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, zonder dat daarvoor een akte of betekening nodig is.
2 De vermogensbestanddelen die deel uitmaken van het Algemeen Werkloosheidsfonds en op grond van het eerste lid overgaan, gaan deel uitmaken van het Algemeen Werkloosheidsfonds dat op grond van artikel 103 van de Werkloosheidswet door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzonderlijk wordt beheerd en geadministreerd.
3 De vermogensbestanddelen die deel uitmaken van het Arbeidsongeschiktheidsfonds en op grond van het eerste lid overgaan, gaan deel uitmaken van het Arbeidsongeschiktheidsfonds dat op grond van artikel 72 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzonderlijk wordt beheerd en geadministreerd.
4 De vermogensbestanddelen die deel uitmaken van de Arbeidsongeschiktheidskas en op grond van het eerste lid overgaan, gaan deel uitmaken van de Arbeidsongeschiktheidskas die op grond van artikel 73 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzonderlijk wordt beheerd en geadministreerd.
5 De vermogensbestanddelen die deel uitmaken van het Arbeidsongeschiktheidsfonds zelfstandigen en op grond van het eerste lid overgaan, gaan deel uitmaken van het Arbeidsongeschiktheidsfonds zelfstandigen dat op grond van artikel 78 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzonderlijk wordt beheerd en geadministreerd.
6 De vermogensbestanddelen die deel uitmaken van het Arbeidsongeschiktheidsfonds jonggehandicapten en op grond van het eerste lid overgaan, gaan deel uitmaken van het Arbeidsongeschiktheidsfonds jonggehandicapten dat op grond van artikel 63 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzonderlijk wordt beheerd en geadministreerd.
7 De vermogensbestanddelen die deel uitmaken van het Reïntegratiefonds en op grond van het eerste lid overgaan, gaan deel uitmaken van het Reïntegratiefonds dat op grond van artikel 41 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzonderlijk wordt beheerd en geadministreerd.
8 De vermogensbestanddelen die deel uitmaken van een wachtgeldfonds en op grond van het eerste lid overgaan, gaan deel uitmaken van het wachtgeldfonds dat voor het desbetreffende onderdeel van het bedrijfs- en beroepsleven op grond van artikel 102 van de Werkloosheidswet door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzonderlijk wordt beheerd en geadministreerd.
9 De vermogensbestanddelen die deel uitmaken van het Uitvoeringsfonds voor de overheid en op grond van het eerste lid overgaan, gaan deel uitmaken van het Uitvoeringsfonds voor de overheid dat op grond van artikel 104 van de Werkloosheidswet door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzonderlijk wordt beheerd en geadministreerd.
10 De vermogensbestanddelen die deel uitmaken van het Toeslagenfonds en op grond van het eerste lid overgaan, gaan deel uitmaken van het Toeslagenfonds dat op grond van artikel 31 van de Toeslagenwet door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen afzonderlijk wordt beheerd en geadministreerd.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 5
Alle vermogensbestanddelen van de uitvoeringsinstellingen gaan over op het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, zonder dat daarvoor een akte of betekening nodig is.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 6
Alle vermogensbestanddelen van de stichting, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van het Besluit voorwaarden erkenning uitvoeringsinstelling, gaan over op het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, zonder dat daarvoor een akte of betekening nodig is.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 7
Alle vermogensbestanddelen van het College van toezicht sociale verzekeringen gaan over op de Staat (Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid), zonder dat daarvoor een akte of betekening nodig is.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 8
1 Met betrekking tot de ingevolge de artikelen 4, 5, 6 en 7 overgaande vermogensbestanddelen die in openbare registers te boek zijn gesteld, zal verandering van de tenaamstelling in die registers plaatsvinden door de bewaarders van die registers. De daartoe benodigde opgaven worden door de zorg van Onze Minister aan de bewaarders van de desbetreffende registers gedaan.
2 Ter zake van de in de artikelen 4, 5, 6 en 7 bedoelde overgang van vermogensbestanddelen blijft heffing van overdrachtsbelasting achterwege.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 9
1 De publiekrechtelijke rechten en verplichtingen van het Landelijk instituut sociale verzekeringen en de uitvoeringsinstellingen gaan over op het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen voorzover in deze wet of de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen niet anders is bepaald.
2 Een besluit dat door het Landelijk instituut sociale verzekeringen of namens dit instituut door een uitvoeringsinstelling is genomen, geldt als een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
3 Een tot het Landelijk instituut sociale verzekeringen of een uitvoeringsinstelling gericht verzoek om een besluit te nemen, wordt beschouwd als te zijn gericht tot het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 10
1 De publiekrechtelijke rechten en verplichtingen van het College van toezicht sociale verzekeringen gaan over op Onze Minister voorzover in deze wet of de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen niet anders is bepaald.
2 Een besluit van het College van toezicht sociale verzekeringen geldt als een besluit van Onze Minister.
3 Een tot het College van toezicht sociale verzekeringen gericht verzoek om een besluit te nemen, wordt beschouwd als te zijn gericht tot Onze Minister.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 11
1 In civielrechtelijke en bestuursrechtelijke gedingen waarin het Landelijk instituut sociale verzekeringen partij is treedt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in zijn plaats, zonder dat daarvoor een betekening nodig is en met overneming van procureurstelling onderscheidenlijk aanwijzing van een gemachtigde.
2 Beroep waarvoor de termijn is aangevangen vóór de inwerkingtreding van deze wet staat voor het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen open gedurende het resterende gedeelte van de beroepstermijn.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 12
1 In civielrechtelijke en bestuursrechtelijke gedingen waarin een uitvoeringsinstelling partij is treedt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in haar plaats, zonder dat daarvoor een betekening nodig is en met overneming van procureurstelling onderscheidenlijk aanwijzing van een gemachtigde.
2 Beroep waarvoor de termijn is aangevangen vóór de inwerkingtreding van deze wet staat voor het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen open gedurende het resterende gedeelte van de beroepstermijn.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 13
In civielrechtelijke gedingen waarin het College van toezicht sociale verzekeringen partij is treedt de Staat (Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid) in zijn plaats, zonder dat daarvoor een betekening nodig is en met overneming van procureurstelling onderscheidenlijk aanwijzing van een gemachtigde.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 14
1 In bestuursrechtelijke gedingen waarin het College van toezicht sociale verzekeringen partij is treedt Onze Minister in zijn plaats, zonder dat daarvoor een betekening nodig is en met overneming van aanwijzing van een gemachtigde.
2 Beroep waarvoor de termijn is aangevangen vóór de inwerkingtreding van deze wet staat voor Onze Minister open gedurende het resterende gedeelte van de beroepstermijn.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 15
Indien de toepassing van dit hoofdstuk tot gevolg heeft dat in een geding eiser en gedaagde samenvallen, wordt dat geding tussen die partijen van rechtswege beëindigd.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 16
Indien de toepassing van dit hoofdstuk tot gevolg heeft dat in een bezwaarschriftenprocedure de indiener van het bezwaarschrift en het bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen samenvallen, wordt die bezwaarschriftenprocedure tussen hen van rechtswege beëindigd.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 17
1 Bij het Landelijk instituut sociale verzekeringen aanhangige bezwaarschriften gaan, in de stand waarin zij zich bevinden, over naar het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
2 Bezwaar waarvoor de termijn is aangevangen vóór de inwerkingtreding van deze wet staat voor het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen open gedurende het resterende gedeelte van de bezwaartermijn.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 18
1 Bij het College van toezicht sociale verzekeringen aanhangige bezwaarschriften gaan, in de stand waarin zij zich bevinden, over naar Onze Minister.
2 Bezwaar waarvoor de termijn is aangevangen vóór de inwerkingtreding van deze wet staat voor Onze Minister open gedurende het resterende gedeelte van de bezwaartermijn.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 19
1 Aan de leden van het College van toezicht sociale verzekeringen die op de dag voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van deze wet die functies bekleden wordt met ingang van die datum ontslag verleend.
2 Aan de voorzitter, de leden en de plaatsvervangende leden van het Landelijk instituut sociale verzekeringen die op de dag voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van deze wet die functies bekleden wordt met ingang van die datum ontslag verleend.
3 Aan de voorzitter, de leden en de plaatsvervangende leden van de Sociale verzekeringsbank die op 31 december 2002 die functies bekleden wordt met ingang van 1 januari 2003 ontslag verleend.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 20
De door Onze Minister op grond van de artikelen 7, 22 en 35 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 gestelde regels blijven na de inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen van kracht voor zolang daaraan door de in artikel 19 bedoelde functionarissen aanspraken kunnen worden ontleend.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 21
De rechten en verplichtingen van het Landelijk instituut sociale verzekeringen en de uitvoeringsinstellingen die voortvloeien uit de arbeidsovereenkomsten met hun werknemers, daaronder begrepen die welke voortvloeien uit een toezegging omtrent pensioen als bedoeld in artikel 1 van de Pensioen- en spaarfondsenwet, gaan over op het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 22
1 De werknemers die op de dag voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen in dienst zijn van het College van toezicht sociale verzekeringen, worden met ingang van de dag van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen als ambtenaar in dienst van het Rijk aangesteld. Daarbij worden hun arbeidsvoorwaarden zo veel mogelijk op een gelijk niveau gesteld met de arbeidsvoorwaarden die verbonden waren aan hun dienstbetrekking bij het College van toezicht sociale verzekeringen.
2 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent het eerste lid.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 23
1 Commissies als bedoeld in de artikelen 9 en 37 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 worden opgeheven.
2 Commissies als bedoeld in artikel 24 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 worden opgeheven per 1 januari 2003.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 24
1 Ministeriële regelingen op grond van de artikelen 28, zesde lid, 67, zesde en zevende lid, 68, tweede lid, 70, tweede lid, 71, 71a, derde lid , en 94, eerste lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 berusten met ingang van de datum van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen op de artikelen 35, vijfde lid, 50, zesde en zevende lid, 51, tweede lid, 52, tweede lid, 53, 51, zevende lid, en 77, eerste lid, van die wet.
2 De Regeling reservevorming wachtgeldfondsen op grond van artikel 72 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 berust, met uitzondering van de bijlage bij die regeling, met ingang van de datum van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen op artikel 51, achtste lid, van die wet.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 25
1 Regelingen van het Landelijk instituut sociale verzekeringen op grond van de artikelen 52 en 54 van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 gelden met ingang van de datum van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen als regelingen van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van de artikelen 97l en 97n van de Werkloosheidswet.
2 De ministeriële regeling waarbij het bedrijfs- en beroepsleven wordt ingedeeld op grond van artikel 51, eerste lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997, geldt met ingang van de datum van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen als een regeling op grond van artikel 97k van de Werkloosheidswet.
Hoofdstuk 2 — Overgangsrecht Organisatiewet sociale verzekeringen 1997
Artikel 26
1 Toestemming, verleend aan een uitvoeringsinstelling of aan de Sociale verzekeringsbank op grond van artikel 50, eerste lid, of artikel 25, derde lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997, wordt aangemerkt als goedkeuring van een daartoe strekkend besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onderscheidenlijk de Sociale verzekeringsbank, op grond van artikel 13 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
2 Verplichtingen, opgelegd aan een uitvoeringsinstelling of aan de Sociale verzekeringsbank op grond van artikel 50, tweede lid, of artikel 25, vierde lid, van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997, worden aangemerkt als verplichtingen, opgelegd aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onderscheidenlijk de Sociale verzekeringsbank, op grond van artikel 13, tweede lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
3 De door Onze Minister op grond van artikel 25, eerste lid, onderdeel f, of artikel 38, eerste lid, onderdeel k, van de Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 aangewezen algemene maatregelen van bestuur en ministeriële regelingen, waarvan de uitvoering is opgedragen aan de Sociale verzekeringsbank, onderscheidenlijk het Landelijk instituut sociale verzekeringen, worden aangemerkt als algemene maatregelen van bestuur en ministeriële regelingen waarvan de uitvoering op grond van artikel 34, eerste lid, onderdeel e, of artikel 30, eerste lid, onderdeel i, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen is opgedragen aan de Sociale verzekeringsbank, onderscheidenlijk het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 27
1 De Arbeidsvoorzieningswet 1996 en de Invoeringswet Arbeidsvoorzieningswet 1996 worden ingetrokken.
2 Voor de verschillende artikelen of onderdelen van de artikelen van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 en de Invoeringswet Arbeidsvoorzieningswet 1996 kan bij koninklijk besluit het tijdstip waarop deze vervallen verschillend worden vastgesteld.
3 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld voor de gevolgen van de toepassing van het tweede lid, waarbij zo nodig kan worden afgeweken van dit hoofdstuk.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 28
1 Alle vermogensbestanddelen van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie gaan over op de Centrale organisatie werk en inkomen, zonder dat daarvoor een akte of betekening nodig is.
2 Met betrekking tot de ingevolge dit artikel overgaande vermogensbestanddelen die in openbare registers te boek zijn gesteld, zal verandering van de tenaamstelling in die registers plaatsvinden door de bewaarders van die registers. De daartoe benodigde opgaven worden door de zorg van Onze Minister aan de bewaarders van de desbetreffende registers gedaan.
3 Ter zake van de in dit artikel bedoelde overgang van vermogensbestanddelen blijft heffing van overdrachtsbelasting achterwege.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 29
1 De publiekrechtelijke rechten en verplichtingen van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie gaan over op de Centrale organisatie werk en inkomen voorzover op grond van deze wet of de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen niet anders is bepaald.
2 Een besluit van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie geldt als een besluit van de Centrale organisatie werk en inkomen.
3 Een tot de Arbeidsvoorzieningsorganisatie gericht verzoek om een besluit te nemen geldt als te zijn gericht tot de Centrale organisatie werk en inkomen.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 30
1 In civielrechtelijke en bestuursrechtelijke gedingen waarin de Arbeidsvoorzieningsorganisatie partij is treedt de Centrale organisatie werk en inkomen in haar plaats, zonder dat daarvoor een betekening nodig is en met overneming van procureurstelling onderscheidenlijk aanwijzing van een gemachtigde.
2 Beroep waarvoor de termijn is aangevangen vóór de inwerkingtreding van deze wet staat voor de Centrale organisatie werk en inkomen open gedurende het resterende gedeelte van de beroepstermijn.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 31
De bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven aanhangige zaken betreffende besluiten van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie op grond van de Arbeidsvoorzieningswet 1996, de Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen en de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs gaan van rechtswege, in de stand waarin zij zich bevinden, over naar de rechtbank die bij toepassing van artikel 8:7 van de Algemene wet bestuursrecht bevoegd zou zijn geweest het beroep te behandelen.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 32
1 Bij de Arbeidsvoorzieningsorganisatie aanhangige bezwaarschriften gaan, in de stand waarin zij zich bevinden, over naar de Centrale organisatie werk en inkomen.
2 Bezwaar waarvoor de termijn is aangevangen vóór de inwerkingtreding van deze wet staat voor de Centrale organisatie werk en inkomen open gedurende het resterende gedeelte van de bezwaartermijn.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 33
Aan de voorzitter, de plaatsvervangend voorzitters, de leden en de plaatsvervangende leden van het Centraal Bestuur voor de Arbeidsvoorziening en van de Regionale Besturen voor de Arbeidsvoorziening, die op de dag voorafgaande aan de datum van inwerkingtreding van deze wet die functies bekleden wordt met ingang van die datum ontslag verleend.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 34
De rechten en verplichtingen van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie die voortvloeien uit de arbeidsovereenkomsten met haar werknemers, daaronder begrepen die welke voortvloeien uit een toezegging omtrent pensioen als bedoeld in artikel 1 van de Pensioen- en spaarfondsenwet, gaan over op de Centrale organisatie werk en inkomen.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 35
1 De regelingen van het Centraal Bestuur voor de Arbeidsvoorziening op grond van artikel 75, onderscheidenlijk artikel 77, tweede volzin, van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 gelden met ingang van de datum van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen als regelingen van de Centrale organisatie werk en inkomen op grond van artikel 25, derde lid, onderscheidenlijk artikel 25, tweede lid, tweede volzin, van die wet.
2 Een termijn als bedoeld in artikel 75 van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 die is aangevangen voor de datum van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, wordt voor de toepassing van artikel 25, vierde lid, onderdeel b, van laatstgenoemde wet van het tijdstip van aanvang af aangemerkt als termijn als bedoeld in laatstgenoemde bepaling.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 36
De registratie als werkzoekende op grond van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 wordt met ingang van de datum van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen aangemerkt als registratie als werkzoekende op grond van die wet.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 37
Verzoeken om goedkeuring als bedoeld in artikel 10, onderscheidenlijk artikel 66 van de Arbeidsvoorzieningswet 1996, waaromtrent door Onze Minister nog niet is beslist, worden aangemerkt als verzoeken om goedkeuring op grond van artikel 6, onderdeel a, onderscheidenlijk onderdeel d, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen. Ten aanzien van zodanige verzoeken wordt alsnog artikel 3, zesde lid, van die wet toegepast. In dat geval vangt de termijn van dertien weken, bedoeld in artikel 10:31 van de Algemene wet bestuursrecht, aan na de laatst bedoelde verzending ter goedkeuring.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 38
1 In afwijking van artikel 29 geldt een besluit van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie op grond van artikel 4, tweede lid, en artikel 81a van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 als een besluit van de gemeente, waarin de arbeidsgehandicapte, bedoeld in die artikelen van de Arbeidsvoorzieningswet 1996, woonachtig is, op grond van deWet inschakeling werkzoekenden.
2 Een tot de Arbeidsvoorzieningsorganisatie gericht verzoek om een besluit te nemen als bedoeld in het eerste lid geldt als te zijn gericht tot de gemeente, bedoeld in het eerste lid.
3 In afwijking van artikel 32 gaat de behandeling van bezwaarschriften met betrekking tot de besluiten, bedoeld in het eerste lid, over naar de daar bedoelde gemeente en staat bij die gemeente bezwaar open tegen die besluiten, gedurende het resterende gedeelte van de bezwaartermijn die voor de inwerkingtreding van deze wet is aangevangen.
4 In afwijking van artikel 29 treedt de gemeente, bedoeld in het eerste lid, in de plaats van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie in civielrechtelijke en bestuursrechtelijke gedingen waarin de Arbeidsvoorzieningsorganisatie partij is en die verband houden met de uitvoering van de artikelen van de Arbeidsvoorzieningswet 1996, bedoeld in het eerste lid, zonder dat daarvoor een betekening nodig is en met overneming van procureurstelling onderscheidenlijk aanwijzing van een gemachtigde.
5 Beroep waarvoor de termijn is aangevangen vóór de inwerkingtreding van deze wet staat voor de in het eerste lid bedoelde gemeente open gedurende het resterende gedeelte van de beroepstermijn.
6 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de overgang van werknemers van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie naar gemeenten, in afwijking van artikel 34, in verband met de overgang van verantwoordelijkheden, bedoeld in dit artikel.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 39
1 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald, dat in afwijking van artikel 28, vermogensbestanddelen van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie die worden toegerekend aan de uitvoering van in die maatregel genoemde taken of het verrichten van bepaalde diensten overgaan op bij die maatregel aan te wijzen rechtspersonen dan wel op de Staat.
2 Artikel 28, derde lid, 30, eerste lid, en artikel 34 zijn ten aanzien van de overgang, bedoeld in het eerste lid, van overeenkomstige toepassing.
3 Bij of krachtens de maatregel, bedoeld in het eerste lid, kunnen regels worden gesteld voor de overgang van personeel, de gegevensoverdracht en de waardering van de vermogensbestanddelen.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 40
1 De arbeidsovereenkomsten van personeelsleden die in dienst zijn van de Centrale organisatie werk en inkomen kunnen door die organisatie niet worden opgezegd zonder voorafgaande toestemming van de ontslagcommissie, bedoeld in artikel 41.
2 Het eerste lid is niet van toepassing indien de opzegging geschiedt om een dringende aan de werknemer onverwijld meegedeelde reden dan wel indien de opzegging geschiedt met wederzijds goedvinden.
3 Een opzegging in strijd met het eerste lid is vernietigbaar. De werknemer kan binnen twee maanden na de opzegging een beroep doen op deze vernietigingsgrond. Artikel 55 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek is niet van toepassing.
4 Een rechtsvordering in verband met de vernietiging verjaart door verloop van zes maanden na de dag waartegen is opgezegd.
5 De Centrale organisatie werk en inkomen kan niet opzeggen gedurende de tijd dat de werknemer ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte, tenzij de ongeschiktheid een aanvang heeft genomen nadat het voornemen van die organisatie tot opzegging van de arbeidsovereenkomst ter toetsing aan de ontslagcommissie, bedoeld in artikel 41, is voorgelegd en door die commissie is ontvangen. Van de eerste volzin kan slechts worden afgeweken bij collectieve arbeidsovereenkomst of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan.
6 Indien de toestemming, bedoeld in het eerste lid, is verleend, wordt de door de Centrale organisatie werk en inkomen in acht te nemen termijn van opzegging, verkort met een maand, met dien verstande dat de resterende termijn van opzegging ten minste één maand bedraagt. Van de eerste volzin kan slechts worden afgeweken bij collectieve arbeidsovereenkomst of bij regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 41
1 Er is een ontslagcommissie, die tot taak heeft voornemens van de Centrale organisatie werk en inkomen tot opzegging van de arbeidsovereenkomsten, bedoeld in artikel 40 te toetsen, alvorens toestemming voor de voorgenomen opzegging te verlenen.
2 Bij de toetsing ingevolge het eerste lid neemt de ontslagcommissie de door Onze Minister krachtens artikel 6, derde lid, van het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 gestelde regels in acht.
3 De ontslagcommissie bestaat uit drie leden, die door Onze Minister worden benoemd. Eén lid wordt benoemd op voordracht van de Centrale organisatie werk en inkomen, één lid op voordracht van de organisaties die representatief zijn voor de bij de Centrale organisatie werk en inkomen werkzame werknemers en één lid, tevens voorzitter, op gezamenlijke voordracht van de Centrale organisatie werk en inkomen en genoemde organisaties.
4 Onze Minister benoemt voor ieder van de leden een plaatsvervanger. De tweede volzin van het derde lid is daarbij van overeenkomstige toepassing.
5 De benoeming van de leden en plaatsvervangende leden geschiedt voor de tijd van ten hoogste vier jaren. De aftredende leden en plaatsvervangende leden zijn terstond herbenoembaar.
6 Aan een lid of plaatsvervangend lid wordt door Onze Minister tussentijds ontslag verleend:
a. bij verlies van de hoedanigheid of beëindiging van de functie in verband waarmee de benoeming heeft plaatsgevonden;
b. op eigen verzoek.
7 De ontslagcommissie regelt, met inachtneming van de regels bedoeld in het tweede lid, zelf haar werkwijze.
8 De Centrale organisatie werk en inkomen regelt de aanwezigheidsvergoeding van de voorzitter alsmede de vergoeding voor reis- en verblijfkosten van de leden en plaatsvervangende leden. Het voorziet tevens in het secretariaat van de ontslagcommissie.
Hoofdstuk 3 — Overgangsrecht Arbeidsvoorzieningswet 1996
Artikel 42
1 De commissie die is ingesteld op grond van artikel 43 van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 wordt gehandhaafd en geldt met ingang van de datum van inwerkingtreding van de artikelen 40 en 41 als commissie, bedoeld in artikel 41, en behandelt de voor die datum bij eerstgenoemde commissie ingediende verzoeken om toestemming van een voorgenomen opzegging van een arbeidsovereenkomst.
2 De artikelen 40 en 41 zijn van toepassing totdat in een collectieve arbeidsovereenkomst een regeling betreffende toestemming van een voorgenomen opzegging van een arbeidsovereenkomst van het personeel van de Centrale organisatie werk en inkomen is opgenomen.
3 Indien twee jaar na inwerkingtreding van de artikelen 40 en 41 de in het tweede lid bedoelde collectieve arbeidsovereenkomst niet tot stand is gekomen dan wel in die collectieve arbeidsovereenkomst een dergelijke regeling niet is opgenomen, vervallen genoemde artikelen en wordt aan de zittende leden ontslag verleend.
4 Verzoeken om toestemming van een voorgenomen opzegging van een arbeidsovereenkomst waaromtrent op de dag waarop de artikelen 40 en 41 overeenkomstig het derde lid vervallen door de in die artikelen bedoelde ontslagcommissie nog niet is beslist, worden met inachtneming van het daaromtrent in die artikelen bepaalde afgehandeld, doch uiterlijk binnen zes maanden na die dag.
5 De ontslagcommissie blijft in stand voor zolang dat in verband met de toepassing van het vierde lid noodzakelijk is.
6 Uiterlijk met ingang van de dag, gelegen zes maanden na de datum bedoeld in het derde lid, wordt aan de leden en de plaatsvervangende leden van de ontslagcommissie ontslag verleend.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 43
Wijzigt de Werkloosheidswet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 44
A Regelingen van het Landelijk instituut sociale verzekeringen op grond van de artikelen 16, zevende lid, 17a, vierde lid, 18, tweede lid, 19, vijfde lid, 20, zesde lid, 21, vierde lid, 27c, derde lid, 36b, tweede lid, 52d, vijfde lid, van de Werkloosheidswet, zoals deze artikelen luidden op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, gelden met ingang van dat tijdstip als ministeriële regelingen op grond van de artikelen 16, zevende lid, 17a, vierde lid, 18, tweede lid, 19, vijfde lid, 20, zesde lid, 21, vierde lid, 27c, derde lid, 36b, 52d, vijfde lid, van de Werkloosheidswet.
B Vervallen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 45
Wijzigt de Werkloosheidswet en de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 46
Wijzigt de Toeslagenwet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 47
A Door het Landelijk instituut sociale verzekeringen, op grond van de artikelen 14c, derde lid, en 20b, tweede lid, van de Toeslagenwet zoals deze artikelen luidden op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, gestelde regels gelden met ingang van dat tijdstip als ministeriële regelingen op grond van de artikelen 14c, derde lid, en 20b, tweede lid, van de Toeslagenwet.
B Wijzigt de Toeslagenwet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 48
Wijzigt de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 49
A Door het Landelijk instituut sociale verzekeringen, op grond van de artikelen 57b, tweede lid, en 29c, derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, zoals deze artikelen luidden op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, gestelde regels gelden met ingang van dat tijdstip als ministeriële regelingen op grond van de artikelen 57b en 29c, derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
B Wijzigt de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 50
Wijzigt de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 51
A Door het Landelijk instituut sociale verzekeringen, op grond van de artikelen 50, derde lid, en 65, tweede lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, zoals deze artikelen luidden op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, gestelde regels gelden met ingang van dat tijdstip als ministeriële regelingen op grond van de artikelen 50, derde lid, en 65 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen.
B Wijzigt de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 52
Wijzigt de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 53
A Door het Landelijk instituut sociale verzekeringen, op grond van de artikelen 42, derde lid, en 57, tweede lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, zoals deze artikelen luidden op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, gestelde regels gelden met ingang van dat tijdstip als ministeriële regelingen op grond van de artikelen 42, derde lid, en 57 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten.
B Wijzigt de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 54
Wijzigt de Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 55
Wijzigt de Wet terugdringing beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 56
Wijzigt de Invoeringswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 57
Wijzigt de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 58
De regeling van het Landelijk instituut sociale verzekeringen op grond van artikel 21, zevende lid, van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten, zoals dit artikel luidde op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, geldt met ingang van dat tijdstip als regeling van Onze Minister op grond van artikel 21, zevende lid, van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 59
Wijzigt de Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 60
Wijzigt de Wet aanpassing daglonen Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekeringen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 61
Wijzigt de Ziektewet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 62
A Door het Landelijk instituut sociale verzekeringen, op grond van de artikelen 33b, tweede lid, en 45c, derde lid, van de Ziektewet, zoals deze artikelen luidden op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, gestelde regels, gelden met ingang van dat tijdstip als ministeriële regelingen op grond van artikel 33b en 45c, derde lid, van de Ziektewet.
B Wijzigt de Ziektewet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 63
Wijzigt de Overgangsregeling Ziektewet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 64
Wijzigt de Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 65
Wijzigt de Algemene Kinderbijslagwet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 66
A Door de Sociale verzekeringsbank, op grond van de artikelen 17c, derde lid, en 24b, tweede lid, van de Algemene Kinderbijslagwet, zoals deze artikelen luidden op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, gestelde regels gelden met ingang van dat tijdstip als ministeriële regelingen op grond van de artikelen 17c, derde lid, en 24b van de Algemene Kinderbijslagwet.
B Wijzigt de Algemene Kinderbijslagwet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 67
Wijzigt de Algemene nabestaandenwet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 68
A Door de Sociale verzekeringsbank, op grond van de artikelen 41, derde lid, en 55, tweede lid, van de Algemene nabestaandenwet, zoals deze artikelen luidden op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, gestelde regels gelden met ingang van dat tijdstip als ministeriële regelingen op grond van de artikelen 41, derde lid, en 55 van de Algemene nabestaandenwet.
B Wijzigt de Algemene nabestaandenwet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 69
Wijzigt de Algemene Ouderdomswet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 70
A Door de Sociale verzekeringsbank, op grond van de artikelen 17e, derde lid, en 24b, tweede lid, van de Algemene Ouderdomswet, zoals deze artikelen luidden op de datum vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, gestelde regels gelden met ingang van dat tijdstip als ministeriële regelingen op grond van de artikelen 17e, derde lid, en 24b van de Algemene Ouderdomswet.
B Wijzigt de Algemene Ouderdomswet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 71
Wijzigt de Wet financiering volksverzekeringen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 72
Wijzigt de Wet privatisering FVP.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 73
Wijzigt de Wet premieregeling bij marginale arbeid.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 74
Wijzigt de Coördinatiewet Sociale Verzekering.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 75
Wijzigt de Wet invoering mutatiesysteem AKW.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 76
Wijzigt de Algemene bijstandswet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 77
Wijzigt de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 78
Wijzigt de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 79
Wijzigt de Wet financiering Abw, IOAW en IOAZ.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 80
Wijzigt de Wet sociale werkvoorziening.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 81
Wijzigt de Wet inschakeling werkzoekenden.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 82
Wijzigt de Wet inkomensvoorziening kunstenaars.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 83
Wijzigt de Wet stimulering arbeidsdeelname minderheden.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 84
Wijzigt de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 85
Wijzigt de Wet arbeid vreemdelingen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 86
Wijzigt het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 87
Wijzigt de Wet melding collectief ontslag.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 88
Wijzigt de Wet op de ondernemingsraden.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 89
Wijzigt de Noodwet Arbeidsvoorziening.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 90
Wijzigt de Wet financiering loopbaanonderbreking.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 1 — Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Artikel 91
Wijzigt de Wet arbeid en zorg.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 2 — Justitie
Artikel 92
Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 2 — Justitie
Artikel 93
Wijzigt de Beroepswet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 2 — Justitie
Artikel 94
Wijzigt Boek 2 en Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 2 — Justitie
Artikel 95
Wijzigt de Wet Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 2 — Justitie
Artikel 96
Wijzigt de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 2 — Justitie
Artikel 97
Wijzigt de Wet op de rechtsbijstand.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 98
Wijzigt de Algemene wet politieke ambtsdragers.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 99
Wijzigt de Ambtenarenwet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 100
Wijzigt de Wet privatisering ABP.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 101
Wijzigt de Wet financiële voorzieningen privatisering ABP.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 102
Wijzigt de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 103
Wijzigt de Wet inburgering nieuwkomers.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 104
Wijzigt de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 105
Wijzigt de Wet Incompatibiliteiten Staten-Generaal en Europees Parlement.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 106
Wijzigt de Samenloopregeling Indonesische pensioenen 1960.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 107
Wijzigt de Remigratiewet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 3 — Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Artikel 108
Wijzigt de Wet aanpassing pensioenvoorzieningen Bijstandkorps.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 4 — Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
Artikel 109
Wijzigt de Wet op de expertisecentra.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 4 — Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
Artikel 110
Wijzigt de Wet op de studiefinanciering.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 4 — Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
Artikel 111
Wijzigt de Wet tegemoetkoming studiekosten.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 4 — Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
Artikel 112
Wijzigt de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 4 — Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
Artikel 113
Wijzigt de Wet op het primair onderwijs.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 4 — Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
Artikel 114
Wijzigt de Wet op het voortgezet onderwijs.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 4 — Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
Artikel 115
Wijzigt de Wet verzelfstandiging Informatiseringsbank.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 5 — Financiën
Artikel 116
Wijzigt de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 5 — Financiën
Artikel 117
Wijzigt de Intrekkingswet Beleggingswet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 5 — Financiën
Artikel 118
Wijzigt de Wet medefinanciering oververtegenwoordiging oudere ziekenfondsverzekerden.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 5 — Financiën
Artikel 119
Wijzigt de Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 6 — Defensie
Artikel 120
Wijzigt de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 7 — Verkeer en Waterstaat
Artikel 121
Wijzigt de Vaarplichtwet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 7 — Verkeer en Waterstaat
Artikel 122
Wijzigt de Wet privatisering Spoorwegpensioenfonds.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 8 — Economische Zaken
Artikel 123
Wijzigt de Handelsregisterwet.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 9 — Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Artikel 124
Wijzigt de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten.
Hoofdstuk 4 — Wijziging van andere wetten › § 9 — Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Artikel 125
Wijzigt de Ziekenfondswet.
Hoofdstuk 5 — Overige en slotbepalingen
Artikel 126
Wijzigt de Ziektewet, de Wet op de arbeidsongeschikheidsverzekering, de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, de Wet terugdringing ziekteverzuim en de Wet verbetering poortwachter.
Hoofdstuk 5 — Overige en slotbepalingen
Artikel 127
1 Onze Minister is bevoegd in plaats van de tijdstippen, genoemd in hoofdstuk 8 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, andere tijdstippen vast te stellen alsmede te bepalen dat anderszins wordt afgeweken van de bij of krachtens dat hoofdstuk gegeven regels dan wel dat de toepassing daarvan achterwege blijft, voorzover dat in verband met de datum van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen noodzakelijk is.
2 Onze Minister is bevoegd, voorzover dat in verband met de datum van inwerkingtreding van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen noodzakelijk is, regels te stellen met betrekking tot de bevoegdheid van de Raad voor werk en inkomen, de Centrale organisatie werk en inkomen, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank tot het aangaan van verplichtingen en het doen van uitgaven en de daaraan ten grondslag te leggen budgetten, begrotingen en jaarplannen.
3 Onze Minister is overigens bevoegd met het oog op een goede invoering van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen regels te stellen, waarbij zo nodig kan worden afgeweken van het bepaalde bij en krachtens genoemde wet en deze wet.
4 Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat kosten in verband met de intrekking van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 ten laste van het Rijk worden vergoed.
Hoofdstuk 5 — Overige en slotbepalingen
Artikel 128
1 Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld in verband met een goede overgang van taken van het Landelijk instituut sociale verzekeringen, de Arbeidsvoorzieningsorganisatie en de Sociale verzekeringsbank naar werkgevers en gemeenten ter bevordering van de inschakeling in de arbeid van uitkeringsgerechtigden en arbeidsgehandicapten, waarin in ieder geval bepaald wordt, dat en op welke wijze de daarmee samenhangende activiteiten en het verstrekken van instrumenten, waarmee voor de datum van inwerkingtreding van deze wet een aanvang is gemaakt, worden voortgezet door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en gemeenten, zo nodig in afwijking van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten, de Wet inschakeling werkzoekenden en de Werkloosheidswet.
2 In de ministeriële regeling, bedoeld in het eerste lid, kan bepaald worden, dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen voor een in die regeling bepaalde periode een taak heeft tot bevordering van inschakeling in het arbeidsproces op grond van artikel 8, eerste lid en artikel 10, eerste lid, van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten, zoals die artikelen luidden voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van de wijziging van dit artikel in deze wet.
3 In de ministeriële regeling, bedoeld in het eerst lid, kan bepaald worden, dat kosten in verband met de uitvoering van het eerste lid ten laste komen van het Reïntegratiefonds.
Hoofdstuk 5 — Overige en slotbepalingen
Artikel 129
Een rechtshandeling die door een uitvoeringsinstelling, een houdstermaatschappij als bedoeld in § 4 van het Besluit voorwaarden erkenning uitvoeringsinstelling, een stichting die de aandelen hield in zulk een houdstermaatschappij, of een stichting als bedoeld in § 3 van dat besluit, zoals dat besluit luidde tot 1 november 2000, is verricht na 23 november 1999 en voor de datum van inwerkingtreding van deze wet, en waarvan deze wist of redelijkerwijze behoorde te weten dat daaruit voor een uitvoeringsinstelling, een fonds als bedoeld in artikel 1, onderdeel l, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, de stichting, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van het Besluit voorwaarden erkenning uitvoeringsinstelling, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de Staat schade voortvloeit, is vernietigbaar. De rechter kan de gevolgen van een vernietiging beperken voorzover dat nodig is ter bescherming van rechten van derden te goeder trouw.
Hoofdstuk 5 — Overige en slotbepalingen
Artikel 130
Vervallen
Hoofdstuk 5 — Overige en slotbepalingen
Artikel 131
De volgende wetten worden ingetrokken:
a. Invaliditeitswet;
b. Liquidatiewet Ouderdomswet 1919;
c. Liquidatiewet invaliditeitswetten;
d. Wet uitkering 1987 aan echte minima;
e. Wet uitkering-ineens personen met werkloosheidsuitkering;
f. Wet eenmalige toelage 1990.
Hoofdstuk 5 — Overige en slotbepalingen
Artikel 132
1 De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
2 Indien het bij koninklijke boodschap van 2 maart 2000 ingediende voorstel van een Tijdelijke referendumwet (Kamerstukken II 1999/2000, 27 034) tot wet wordt verheven en in werking treedt, en deze wet wordt bekrachtigd op of na het tijdstip van inwerkingtreding van de Tijdelijke referendumwet, kan bij de toepassing van het eerste lid worden afgeweken van de artikelen 12 en 13 van de Tijdelijke referendumwet en vindt in dat geval artikel 16 van laatstgenoemde wet toepassing.
Hoofdstuk 5 — Overige en slotbepalingen
Artikel 133
Deze wet wordt aangehaald als: Invoeringswet Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave (deel 1)
HOOFDSTUK 1. DEFINITIES | 1
Artikel 1. Algemene begrippen | 1
HOOFDSTUK 2. OVERGANGSRECHT ORGANISATIEWET SOCIALE VERZEKERINGEN 1997 | 2
Artikel 2. Intrekking wetten | 2
Artikel 3. Handhaving Sociale Verzekeringsbank | 2
Artikel 4. Overgang vermogensbestanddelen van Lisv naar UWV | 2
Artikel 5. Overgang vermogensbestanddelen van uitvoeringsinstellingen naar UWV | 3
Artikel 6. Overgang vermogensbestanddelen van stichting VUWV naar UWV | 3
Artikel 7. Overgang vermogensbestanddelen van Ctsv naar Staat (SZW) | 4
Artikel 8. Overdrachtsbelasting inschrijving openbare registers | 4
Artikel 9. Overgang publiekrechtelijke rechten en verplichtingen van Lisv en uvi's naar UWV | 4
Artikel 10. Overgang publiekrechtelijke rechten en verplichtingen van Ctsv naar Minister van SZW | 4
Artikel 11. Partijvervanging van Lisv en beroepstermijn | 4
Artikel 12. Partijvervanging van uvi's en beroepstermijn | 5
Artikel 13. Partijvervanging van Ctsv in civielrechtelijke gedingen | 5
Artikel 14. Partijvervanging Ctsv in bestuursrechtelijke gedingen en beroepstermijn | 5
Artikel 15. Beëindiging gedingen | 5
Artikel 16. Beëindiging bezwaarschriftenprocedures | 5
Artikel 17. Overgang van bezwaarschriftenprocedures van Lisv naar UWV | 5
Artikel 18. Overgang van bezwaarschriftenprocedures van Ctsv naar Minister van SZW | 6
Artikel 19. Ontslag bestuursleden | 6
Artikel 20. Rechtspositionele aanspraken bestuursleden | 6
Artikel 21. Overgang personeel Lisv en uvi's | 6
Artikel 22. Overgang personeel Ctsv | 6
Artikel 23. Opheffing commissies | 6
Artikel 24. Overgang lagere regelgeving | 7
Artikel 25. Overgang regelgevende bevoegdheden | 7
Artikel 26. Overgang toestemmingen, verplichtingen en opdrachten in verband met andere taken | 7
HOOFDSTUK 3. OVERGANGSRECHT ARBEIDSVOORZIENINGSWET 1996 | 8
Artikel 27. Intrekking wetten | 8
Artikel 28. Overgang vermogen | 8
Artikel 29. Overgang publiekrechtelijke rechten en verplichtingen, besluiten en aanvragen | 8
Artikel 30. Partijvervanging en beroepstermijn | 8
Artikel 31. Overgang van bestuursrechtelijke procedures | 8
Artikel 32. Overgang bezwaarschriften en bezwaartermijn | 9
Artikel 33. Ontslag functionarissen | 9
Artikel 34. Overgang personeel | 9
Artikel 35. Regelingen op grond van de artikelen 75 en 77 van de Arbeidsvoorzieningswet 1996 | 9
Artikel 36. Registratie als werkzoekende | 9
Artikel 37. Goedkeuring deelnemingen en geldleningen | 9
Artikel 38. Overgangsbepalingen overgang verantwoordelijkheid arbeidsgehandicapten | 10
Artikel 39. Bijzondere overgangsbepalingen in verband met de Wet verzelfstandiging reïntegratiediensten Arbeidsvoorzieningsorganisatie | 10
Artikel 40. Ontslagbescherming werknemers van de Centrale organisatie werk en inkomen | 10
Artikel 41. Ontslagcommissie | 11
Artikel 42. Overgang ontslagbescherming | 12
HOOFDSTUK 4. WIJZIGING VAN ANDERE WETTEN | 12
§ 1. Sociale Zaken en Werkgelegenheid | 12
Artikel 43. Werkloosheidswet | 12
Artikel 44. Overgangsrecht wijziging Werkloosheidswet | 26
Artikel 45. Voorstel van wet tot wijziging van de Werkloosheidswet en de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten in verband met de invoering van een regeling inzake de financiering van kinderopvang voor uitkeringsgerechtigden | 26
Artikel 46. Toeslagenwet | 26
Artikel 47. Overgangsrecht wijziging Toeslagenwet | 29
Artikel 48. Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering | 29
Artikel 49. Overgangsrecht wijziging Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering | 33
Artikel 50. Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen | 33
Artikel 51. Overgangsrecht wijziging Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen | 35
Artikel 52. Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten | 36
Artikel 53. Overgangsrecht wijziging Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten | 37
Artikel 54. Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria | 37
Artikel 55. Wet terugdringing beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen | 38
Artikel 56. Invoeringswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen | 38
Artikel 57. Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten | 38
Artikel 58. Overgangsrecht wijziging Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten | 48
Artikel 59. Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering | 48
Artikel 60. Wet aanpassing daglonen Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekeringen | 48
Artikel 61. Ziektewet | 49
Artikel 62. Overgangsrecht wijziging Ziektewet | 52
Artikel 63. Wet overgangsregeling Ziektewet | 52
Artikel 64. Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid | 52
Artikel 65. Algemene Kinderbijslagwet | 53
Artikel 66. Overgangsrecht wijziging Algemene Kinderbijslagwet | 54
Artikel 67. Algemene nabestaandenwet | 54
Artikel 68. Overgangsrecht wijziging Algemene nabestaandenwet | 56
Artikel 69. Algemene Ouderdomswet | 56
Artikel 70. Overgangsrecht wijziging Algemene Ouderdomswet | 57
Artikel 71. Wet financiering volksverzekeringen | 57
Artikel 72. Wet privatisering FVP | 58
Artikel 73. Wet premieregime bij marginale arbeid | 58
Artikel 74. Coördinatiewet Sociale Verzekering | 59
Artikel 75. Wet invoering mutatiesysteem AKW | 60
Artikel 76. Algemene bijstandswet | 60
Artikel 77. Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers | 68
Artikel 78. Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen | 75
Artikel 79. Wet financiering Abw, IOAW en IOAZ | 82
Artikel 80. Wet sociale werkvoorziening | 82
Artikel 81. Wet Inschakeling werkzoekenden | 84
Artikel 82. Wet inkomensvoorziening kunstenaars | 89
Artikel 83. Wet stimulering arbeidsdeelname minderheden | 89
Artikel 84. Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs | 90
Artikel 85. Wet arbeid vreemdelingen | 91
Artikel 86. Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 | 91
Artikel 87. Wet melding collectief ontslag | 91
Artikel 88. Wet op de ondernemingsraden | 92
Artikel 89. Noodwet Arbeidsvoorziening | 92
Artikel 90. Wet financiering loopbaanonderbreking | 93
Artikel 91. Wet arbeid en zorg | 94
§2. Justitie | 95
Artikel 92. Algemene wet bestuursrecht | 95
Artikel 93. Beroepswet | 95
Artikel 94. Burgerlijk Wetboek | 95
Artikel 95. Wet Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen | 96
Artikel 96. Wet op de rechterlijke organisatie | 96
Artikel 97. Wet op de rechtsbijstand | 96
§ 3. Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties | 96
Artikel 98. Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers | 96
Artikel 99. Ambtenarenwet | 96
Artikel 100. Wet privatisering ABP | 97
Artikel 101. Wet financiële voorzieningen privatisering ABP | 97
Artikel 102. Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens | 97
Artikel 103. Wet inburgering nieuwkomers | 97
Artikel 104. Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen | 98
Artikel 105. Wet Incompatibiliteiten Staten-Generaal en Europees Parlement | 99
Artikel 106. Samenloopregeling Indonesische pensioenen 1960 | 100
Artikel 107. Remigratiewet | 100
Artikel 108. Wet aanpassing pensioenvoorzieningen Bijstandkorps | 100
§ 4. Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen | 101
Artikel 109. Wet op de expertisecentra | 101
Artikel 110. Wet op de studiefinanciering | 101
Artikel 111. Wet tegemoetkoming studiekosten | 101
Artikel 112. Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek | 101
Artikel 113. Wet op het primair onderwijs | 101
Artikel 114. Wet op het voortgezet onderwijs | 101
Artikel 115. Voorstel van wet tot wijziging van enkele onderwijswetten in verband met de invoering van persoonsgebonden nummers in het onderwijs | 101
§ 5. Financiën | 102
Artikel 116. Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 | 102
Artikel 117. Intrekkingswet Beleggingswet | 102
Artikel 118. Wet medefinanciering oververtegenwoordiging oudere ziekenfondsverzekerden | 102
Artikel 119. Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen | 102
§ 6. Defensie | 103
Artikel 120. Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen | 103
§ 7. Verkeer en Waterstaat | 103
Artikel 121. Vaarplichtwet | 103
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave (deel 2)
Artikel 122. Wet privatisering Spoorwegpensioenfonds | 103
§ 8. Economische Zaken | 103
Artikel 123. Handelsregisterwet | 103
§9. Volksgezondheid, Welzijn en Sport | 104
Artikel 124. Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten | 104
Artikel 125. Ziekenfondswet | 104
HOOFDSTUK 5. OVERIGE EN SLOTBEPALINGEN | 105
Artikel 126. Wijziging in verband met het voorstel van Wet verbetering poortwachter | 105
Artikel 127. Regelgevende bevoegdheden ten behoeve van de invoering | 105
Artikel 128. Regels voor overgang verantwoordelijkheid reïntegratie | 106
Artikel 129. Benadelingshandelingen | 106
Artikel 130. Vervallen | 106
Artikel 131. Intrekking wetten | 106
Artikel 132. Inwerkingtreding | 107
Artikel 133. Citeertitel | 107