wetzoeker

Artikel 47 Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen

Financiële bepalingen, planning en verslaglegging

1 Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de Sociale verzekeringsbank behoeven, tenzij het desbetreffende besluit in het door Onze Minister goedgekeurde jaarplan met begroting is opgenomen, de voorafgaande instemming van Onze Minister voor een besluit tot:

a. het oprichten dan wel deelnemen in een rechtspersoon;

b. het in eigendom verwerven, het vervreemden of het bezwaren van registergoederen;

c. het aangaan en beëindigen van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen of tot huur, verhuur of pacht daarvan;

d. het aangaan van kredietovereenkomsten en van overeenkomsten van geldlening;

e. het aangaan van overeenkomsten waarbij de betrokken rechtspersoon zich verbindt tot zekerheidstelling met inbegrip van zekerheidstelling voor schulden van derden of waarbij deze zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt of zich voor een derde sterk maakt;

f. het vormen van fondsen en reserveringen;

g. het doen van aangifte tot faillissement of het aanvragen van surséance van betaling van de betrokken rechtspersoon.

2 Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld met betrekking tot het eerste lid, waarin in ieder geval kan worden bepaald, dat ten aanzien van de situaties, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b tot en met f, beneden een bepaald bedrag de voorafgaande instemming van Onze Minister niet is vereist.

Regeling
Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen
Afkortingen
SUWI, Wet SUWI
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0013060
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl