Hoofdstuk 1 — Goedkeuring voor het verzorgen van de Basisopleiding voor cabinebemanningsleden Regeling opleidingsinstellingen voor luchtvarenden 2001
Goedkeuring voor het verzorgen van de Basisopleiding voor cabinebemanningsleden
De minister kan een opleidingsinstelling goedkeuring verlenen voor het verzorgen van de basisopleiding voor cabinebemanningsleden overeenkomstig CC.TRA.215 van verordening (EU) nr. 1178/2011, indien de aanvraag daartoe is ingediend met een aanvraagformulier van het model als hierachter opgenomen en is voldaan aan de volgende eisen:
1. De opleidingsinstelling voor het verzorgen van de basisopleiding voor cabinebemanningsleden stelt een handboek op, waarin ten minste de volgende onderdelen beschreven zijn:
a. organisatie en management:
1°. een beschrijving van de organisatie;
2°. de taken en verantwoordelijkheden van de verantwoordelijk manager, waaronder ten minste:
– bewaken dat de activiteiten van de opleidingsinstelling in overeenstemming zijn met de van toepassing zijnde wet- en regelgeving;
– zorgdragen dat er voldoende middelen beschikbaar zijn om aan de eisen voor het verzorgen van de basisopleiding voor cabinebemanningsleden te voldoen;
– het opstellen van een jaarlijkse evaluatie.
3°. de taken en verantwoordelijkheden van het hoofd Training, waaronder ten minste:
– zorgdragen dat de opleiding voldoet aan de eisen gesteld in bijlage V, deel CC, van verordening (EU) nr. 1178/2011;
– het toezicht op de voortgang van de studenten.
4°. een procedure waarin beschreven wordt hoe om te gaan met geconstateerde onvolkomenheden, met ten minste een beschrijving van:
– het achterhalen van de oorzaak van de onvolkomenheid;
– hoe corrigerende maatregelen te nemen binnen een vastgesteld termijn;
– de procedure voor het wijzigen van het handboek;
5°. De rol van de verantwoordelijk manager en hoofd training kunnen door één persoon worden vervuld. Het hoofd training dient gedegen ervaring te hebben in het verzorgen van opleidingen voor cabinebemanningsleden.
b. archivering:
De opleidingsinstelling archiveert de volgende gegevens en bescheiden en bewaart deze gedurende een periode van minimaal 5 jaar:
1°. het handboek;
2°. opleidingsplannen, handleidingen, presentaties en overig instructiemateriaal;
3°. de voortgang- en kwalificatietesten van zowel de praktijk- en theorie-instructie;
4°. persoonsgegevens en kwalificaties van leerlingen en instructeurs voor zover relevant voor de opleiding.
c. instructeurs:
1°. een beschrijving van de (her-) kwalificatieëisen aan de instructeur;
2° een overzicht van de instructeurs met vermelding van de opleidingsonderdelen die door de betreffende instructeur verzorgd mogen worden.
d. procedures en instructies:
Tenminste de volgende onderwerpen zijn als procedure of instructie beschreven:
1°. toelatingseisen waaraan de studenten moeten voldoen;
2°. het opstellen en bijhouden van opleidingsplannen, inclusief een amenderingsprocedure;
3°. het opstellen en bijhouden van handleidingen, presentaties en overig instructiemateriaal en -middelen;
4°. het verzorgen van de opleidingsonderdelen;
5°. het volgen en adviseren van de studenten.
e. opleidingsplan:
Het opleidingsplan bevat alle theorie- en praktijkelementen die vermeld staan in Appendix 1 bij Annex V, deel CC, van verordening (EU) nr.1178/2011. Per element wordt tenminste vastgelegd:
1°. het te behalen resultaat na voltooiing van het betreffende element;
2°. de tijdsduur van de instructie;
3°. de te gebruiken instructiematerialen;
4°. de instructiemethode en de methode van toetsing.
f. rapportage:
De opleidingsinstelling zal een procedure beschrijven voor het registreren van:
1°. de aanwezigheid van de studenten;
2°. het volgen van de resultaten van de student;
3°. de voortgangstesten voor theorie- en praktijktoetsen.
De te gebruiken formulieren maken onderdeel uit van het handboek.
g. faciliteiten en middelen:
Een beschrijving van de te gebruiken faciliteiten, representatieve toestellen en overige middelen, waar van toepassing.
h. training door derden:
Ingeval de opleidingsinstelling onderdelen van de training uitbesteedt aan derden wordt zeker gesteld dat het uitbestede gedeelte wordt verzorgd overeenkomstig de eisen en standaarden gesteld door de opleidingsinstelling.
i. overig:
In het handboek wordt ook een verklarende lijst van de gebruikte terminologie en afkortingen opgenomen.
2. De trainingsorganisatie zal jaarlijks een interne evaluatie uitvoeren ten aanzien van:
a. de taken en verantwoordelijkheden van het personeel en de organisatie;
b. de beoordeling van de effectiviteit van corrigerende maatregelen op onvolkomenheden;
c. de effectiviteit van de training en trainingsprogramma’s;
d. de overeenstemming van de opleidingsinstelling en de opleiding met de daarvoor geldende regelgeving;
e. de prestaties van de instructeurs in overeenstemming met de vastgestelde standaard;
f. het aantal gegeven cursussen en de aantallen leerlingen;
g. de andere zaken die volgens de opleidingsinstelling van belang zijn.
De interne evaluatie dient beschikbaar te zijn voor de bevoegde autoriteit.
3. De bevoegde autoriteit is gerechtigd toegang te krijgen tot alle onderdelen van de organisatie inclusief de toegang tot alle onderdelen van derden, indien van toepassing, teneinde vast te kunnen stellen of wordt voldaan aan de eisen die deze regeling stelt.
- Regeling
- Regeling opleidingsinstellingen voor luchtvarenden 2001
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 01-01-2024
- BWB-id
- BWBR0012923
- Versie
- 2024-01-01_0