wetzoeker

Artikel 14 Verordening PT Vakheffing Bloembollen Plantgoed 2002

Grondslag en hoogte

1 In geval van verkoop van groen te velde verhandelde bollen van tulpen of narcissen, anders dan de in artikel 1, derde lid, onderdeel b, bedoelde partijen, wordt de heffing berekend:

a. voor zover het betreft tulpen over de helft en

b. voor zover het betreft narcissen: over 1/5 gedeelte van het factuurbedrag van de desbetreffende partij.

2 In geval van verkoop van mud- en kilogramgoed van tulpen of narcissen, normaal aflopend ongeraapt, wordt de heffing berekend:

a. voor zover het betreft tulpen:

1e. indien daarin de maten zift 10, zift 11 en zift 12/op aanwezig zijn: over 50%

2e. indien daaraan de maat zift 12/op ontbreekt: over 70% en

3e. indien daaraan de maten zift 11 en zift 12/op ontbreken: over 90% van het factuurbedrag van de desbetreffende partij;

b. voor zover het betreft narcissen: over 20% van het factuurbedrag van de desbetreffende partij.

3 In geval van mud- en kilogramgoed van krokussen en/of irissen, normaal aflopend ongeraapt, wordt de heffing berekend:

a. voor zover het betreft krokussen: over 20% en

b. voor zover het betreft irissen: over 50% van het factuurbedrag van de desbetreffende partij.

4 In geval van mud- en kilogramgoed van monbretia's, nat van het veld en normaal aflopend ongeraapt, wordt de heffing berekend over 60% van het factuurbedrag van de desbetreffende partij.

Regeling
Verordening PT Vakheffing Bloembollen Plantgoed 2002
Soort
PBO-regeling
Geldend vanaf
01-01-2002
BWB-id
BWBR0012633
Versie
2002-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl