wetzoeker

Artikel 8 Rijkswet tot goedkeuring van enkele verdragen inzake de bestrijding van fraude en corruptie II

Indien een vraag die betrekking heeft op de uitlegging van het in artikel 2 genoemde verdrag aan de orde komt in een zaak aanhangig voor een tot de rechterlijke macht behorend gerecht dan wel een administratieve rechter waarvan de beslissingen niet vatbaar zijn voor hoger beroep, en deze instantie een beslissing op dit punt noodzakelijk acht voor haar uitspraak, is deze instantie gehouden zich tot het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen te wenden.

Regeling
Rijkswet tot goedkeuring van enkele verdragen inzake de bestrijding van fraude en corruptie II
Soort
Rijkswet
Geldend vanaf
11-07-2001
BWB-id
BWBR0012609
Versie
2001-07-11_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl