wetzoeker

Schoolbudget voor ontwikkeling en ondersteuning voor svo/lom en svo/mlk en scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging per 1 augustus 2001

Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-08-2001
Rechtsgebied
Onderwijsrecht
Ministerie
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
BWB-id
BWBR0012488
Versie
2001-08-01_0
SHA-256 bron
c51403e6756d7ed4b4766ca0a364b0f2956837119181ee213a3b3e99db039b4c

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (2)
  1. 1 — Inleiding
  2. 2 — Omvang van het budget per school

1 — Inleiding

1 — Inleiding

In het kader van het streven naar deregulering is het de bedoeling te komen tot vereenvoudiging van de bekostiging van scholen en afdelingen voor speciaal voortgezet onderwijs voor lom en mlk en scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging. Deze vereenvoudiging van de bekostiging betreft het samenvoegen van het MOA-budget, middelen voor nascholing van het personeel, middelen voor (de voorbereiding van het management op) integraal personeelsbeleid, middelen die in het regeerakkoord beschikbaar zijn gesteld voor bestuur en management en middelen ter bestrijding van arbeidsmarktknelpunten. Daarvoor in de plaats komt één budget, het schoolbudget voor ontwikkeling en ondersteuning.

Het gaat in de nu voorliggende publicatie om dezelfde vereenvoudiging als voor het primair onderwijs is aangekondigd in de op 11 april 2001 verschenen publicatie PO/PJ/01142447 (Gele Katern 2001, 11). De daarin opgenomen maatregelen met betrekking tot verhoging van het normale (lage) verzilveringstarief, en introductie van een derde verzilveringsdatum gelden eveneens voor scholen en afdelingen voor speciaal voortgezet onderwijs voor lom en mlk en scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging. Een uitgebreide toelichting op herkomst van budgetten, bestedingsdoelen, betaalritme, verantwoording en overgangsregeling kunt u in deze publicatie vinden. In de nu voorliggende publicatie worden de bedragen voor de hierboven genoemde schoolsoorten bekend gemaakt.

2 — Omvang van het budget per school

2 — Omvang van het budget per school

De omvang van het budget wordt per school vastgesteld op basis van:

a. het aantal leerlingen;

b. het aantal ambulant begeleide leerlingen; en

c. het aantal cumi-leerlingen.

Het schoolbudget voor ontwikkeling en ondersteuning van scholen en afdelingen voor speciaal voortgezet onderwijs voor lom en mlk en scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging wordt gevormd door de som van:

A het aantal leerlingen

1 Het aantal leerlingen van scholen en afdelingen voor svo-lom en svo-mlk en scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 234 van de WVO. Hierbij wordt uitgegaan van de gegevens zoals die door het bevoegd gezag worden geleverd. Indien het definitieve door de accountant vastgestelde leerlingaantal daarvan afwijkt, kan een herrekening van de omvang van het budget plaatsvinden.

vermenigvuldigd met € 88,17 (ƒ 194,31);

B het aantal ambulant begeleide leerlingen vermenigvuldigd met € 15,49 (ƒ 34,14);

C het aantal cumi-leerlingen

2 Het aantal leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond, bedoeld in artikel 12 van het Formatiebesluit WVO

vermenigvuldigd met € 31,83 (ƒ 70,14) en

D indien de school op 1 oktober 2000 wordt bezocht door 50% of meer cumi-leerlingen: het totaal aantal leerlingen vermenigvuldigd met € 12,15 (ƒ 26,78) plus het aantal cumi-leerlingen vermenigvuldigd met € 469,90 (ƒ 1035,53) plus het aantal ambulant begeleide leerlingen vermenigvuldigd met € 111,35 (ƒ 245,38).

Formalisering van het bovenstaande zal plaatsvinden in een regeling die naar verwachting uiterlijk 1 augustus 2001 zal worden gepubliceerd.