wetzoeker

Artikel 1.7 Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten

Algemene bepalingen

1 Onze Minister gebruikt het burgerservicenummer of onderwijsnummer van een leerling, ho-student of debiteur ter zake van de uitvoering van deze wet slechts:

a. in contacten met die leerling, ho-student of debiteur,

b. in contacten met personen en instanties voorzover deze zelf gemachtigd zijn tot het opnemen van het burgerservicenummer of onderwijsnummer in een persoonsregistratie, en

c. teneinde de gegevens van die leerling, ho-student of debiteur te vergelijken met de gegevens die over hem zijn opgenomen in het register onderwijsdeelnemers, bedoeld in artikel 4 van de Wet register onderwijsdeelnemers, voorzover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van deze wet.

2 Het burgerservicenummer of onderwijsnummer van de partner van een leerling, ho-student of debiteur of van de TOS-ouder of diens partner kan ter zake van de uitvoering van deze wet slechts worden gebruikt in contacten met die partner of TOS-ouder of met de desbetreffende leerling, ho-student of debiteur, alsmede, voorzover het betreft de controle op de rechtmatigheid, in contacten met personen en instanties voorzover deze zelf gemachtigd zijn tot het opnemen van het burgerservicenummer of onderwijsnummer in een persoonsregistratie.

Regeling
Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten
Afkortingen
WTOS
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0012438
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl