wetzoeker

2.3 — Melding en informeren dienstleiding Gedragslijn bij strafbare feiten begaan door ambtenaren van de Belastingdienst in functie

Melding en informeren dienstleiding

Iedere medewerker die in aanraking komt met een voorval waarbij sprake kan zijn van het begaan van een strafbaar feit meldt dit bij het hoofd van de eenheid. Het hoofd van de eenheid kan op grond van die melding overgaan tot het instellen van een feitenonderzoek. Het beoordelen van een complex van gedragingen op strafrechtelijke normoverschrijding is echter ingewikkeld. Die ingewikkeldheid is met name het gevolg van het bestaan van gemengde delicten.

Teneinde een juiste en zorgvuldige belangenafweging te waarborgen, wordt geen aangifte gedaan voordat de aangelegenheid is voorgelegd aan de dienstleiding. De kwestie wordt daartoe door het hoofd van de eenheid gemeld bij de directeur BOB. De directeur BOB informeert, na overleg met de FIOD en de Directie Personeels- en Arbeidsvoorwaardenbeleid Belastingdienst (PAB), terstond de directeur-generaal Belastingdienst. Zie in dit kader de meldingsprocedure, beschreven in hoofdstuk 3.

Regeling
Gedragslijn bij strafbare feiten begaan door ambtenaren van de Belastingdienst in functie
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
07-03-2001
BWB-id
BWBR0012299
Versie
2001-03-07_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl