wetzoeker

2.2 — De plicht en bevoegdheid tot het doen van aangifte Gedragslijn bij strafbare feiten begaan door ambtenaren van de Belastingdienst in functie

De plicht en bevoegdheid tot het doen van aangifte

In bepaalde gevallen bestaat er een wettelijke plicht om van een strafbaar feit aangifte te doen. Het gaat daarbij om de delicten die zijn omschreven in de artikelen 160 en 162 van het Wetboek van Strafvordering.

Artikel 160 verwijst naar misdrijven tegen de staatsveiligheid, misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar wordt gebracht en misdrijven tegen het leven gericht. Dit zijn bijzonder zware misdrijven zoals moord of aanslagen gericht tegen regering en/of staatshoofd. In het kader van de gedragslijn zal de aangifteplicht veeleer zijn grondslag vinden in de misdrijven die zijn omschreven in artikel 162.

Artikel 162 benoemt de volgende drie categorieën misdrijven: de ambtsmisdrijven opgenomen in artikel 355 tot en met 380 van het Wetboek van Strafrecht, misdrijven waarbij een bijzondere ambtsplicht is geschonden of gebruik is gemaakt van de macht of middelen die het ambt de ambtenaar schenkt en misdrijven waarbij inbreuk of onrechtmatig gebruik is gemaakt van een regeling waarvan de uitvoering aan de desbetreffende ambtenaar is opgedragen.

Daarnaast bestaat op grond van artikel 161 van het Wetboek van Strafvordering voor een ieder de bevoegdheid aangifte te doen van een strafbaar feit.

Het is van het grootste belang dat met deze wettelijke verplichting en bevoegdheid zorgvuldig wordt omgegaan. Daarbij ligt het voor de hand dat niet zonder meer wordt overgegaan tot het doen van aangifte maar dat eerst een toetsing van het gebeurde plaats heeft. Duidelijk moet echter zijn dat er voor bepaalde misdrijven (de ‘artikel 160 en 162-misdrijven’) geen ruimte is voor een keuze. Van die delicten moet te allen tijde aangifte worden gedaan.

Regeling
Gedragslijn bij strafbare feiten begaan door ambtenaren van de Belastingdienst in functie
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
07-03-2001
BWB-id
BWBR0012299
Versie
2001-03-07_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl