wetzoeker

2.5.5 — Ambtshalve opheffing van het inreisverbod Vreemdelingencirculaire 2000 (A)

Ambtshalve opheffing van het inreisverbod

Naar aanleiding van de raadplegingsprocedure genoemd in paragraaf A2/12.10 Vc heft de IND ambtshalve het lichte inreisverbod op, als:

• Nederland een vreemdeling heeft gesignaleerd of voornemens is te signaleren in SIS ter fine van de weigering van de toegang of inzake terugkeer in combinatie met een inreisverbod;

• de betreffende vreemdeling verblijf heeft of krijgt in een andere lidstaat van de Europese Unie (zonder Ierland), Noorwegen, IJsland, Liechtenstein of Zwitserland; en

• na de raadplegingsprocedure genoemd in paragraaf A2/12.10 Vc de signalering in SIS moet worden gewist of niet in SIS wordt ingevoerd.

Als in bovenstaande situatie sprake is van een zwaar inreisverbod en de verblijfgevende lidstaat heeft aangegeven het (voorgenomen) verblijfsrecht te handhaven of het verblijfsrecht niet in te trekken, heft de IND ambtshalve het inreisverbod op.

Als de verblijfgevende lidstaat niet binnen de reactietermijn van het raadplegingsverzoek heeft aangegeven (voornemens te zijn) het verblijfsrecht in te trekken, dan wordt het zware inreisverbod opgeheven als:

− de verblijfgevende lidstaat na het verstrijken van de reactietermijn reageert en aangeeft het verblijfsrecht niet in te trekken; of

− een redelijke termijn is verstreken na de reactietermijn en de verblijfgevende lidstaat niet alsnog heeft aangegeven het verblijfsrecht in te trekken.

De IND beoordeelt bij de opheffing van een inreisverbod of een besluit in de zin van artikel 24, eerste lid, onder a, Vo (EU) 2018/1861 wordt opgelegd.

Hoe de IND omgaat met signaleringen in SIS of E&S naar aanleiding van een verzoek om opheffing van de signalering, staat opgenomen in paragraaf A2/12.10 Vc.

Regeling
Vreemdelingencirculaire 2000 (A)
Afkortingen
Vc
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
11-09-2026
BWB-id
BWBR0012287
Versie
2026-09-11_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl