wetzoeker

Artikel 9 Besluit bovenwettelijke werkloosheidsuitkering politie

Aansluitende uitkering bij werkloosheid

1 De aansluitende uitkering bedraagt tot uiterlijk twee maanden na de dag waarop het ontslag ingaat 85%, gedurende de daaropvolgende tien maanden 80%, gedurende de daaropvolgende zes maanden 75% en vervolgens 70% van het voor betrokkene geldende dagloon.

2 Gedurende de verlenging, bedoeld in artikel 2, vijfde lid, is de uitkering gelijk aan 70% van het voor betrokkene geldende dagloon.

3 In afwijking van het tweede lid is de uitkering van de betrokkene, bedoeld in artikel 2, vijfde lid, gelijk aan 50% van het voor betrokkene geldende dagloon vanaf het moment dat hij de leeftijd van 63 jaar en twee maanden heeft bereikt. De uitkering is in ieder geval gelijk aan het minimumloon in evenredigheid met de betrekkingsomvang van betrokkene op het moment van het ontslag.

4 Bij de toepassing van het eerste lid wordt rekening gehouden met de termijn waarin de betrokkene reeds recht heeft gehad op aanvullende uitkering.

5 Ten aanzien van de hoogte van de aansluitende uitkering is artikel 47, tweede en derde lid, van de Werkloosheidswet van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Besluit bovenwettelijke werkloosheidsuitkering politie
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-04-2025
BWB-id
BWBR0012022
Versie
2025-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl