wetzoeker

Artikel 12 Besluit bovenwettelijke werkloosheidsuitkering politie

Overige bepalingen

1 De betrokkene die ter zake van ontslag wegens ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte recht heeft op een uitkering krachtens de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van 80% of meer, heeft recht op een bovenwettelijke uitkering krachtens dit besluit op het moment dat de mate van arbeidsongeschiktheid op een lager percentage wordt vastgesteld dan 80% en hij daardoor recht heeft op een WW-uitkering. Indien de uitkering krachtens de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, bedoeld in de eerste volzin, is ontstaan uit twee of meer dienstbetrekkingen wordt het recht op bovenwettelijke uitkering krachtens dit besluit toegerekend aan de dienstbetrekking ter zake waarvan hij betrokkene is in de zin van dit besluit, naar rato van de feitelijk genoten inkomsten op grond van de desbetreffende dienstbetrekkingen.

2 Ter bepaling van de hoogte en de duur van de bovenwettelijke uitkering, wordt uitgegaan van de datum van het ontslag, bedoeld in het eerste lid.

Regeling
Besluit bovenwettelijke werkloosheidsuitkering politie
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-04-2025
BWB-id
BWBR0012022
Versie
2025-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl