wetzoeker

Artikel 108 Besluit personenvervoer 2000

Ongeregeld vervoer met bussen uit lidstaten, derde landen, landen die partij zijn bij de Interbus-overeenkomst en andere landen

De vervoerder die ongeregeld vervoer verricht met bussen van en naar staten die partij zijn bij de Interbus-overeenkomst dan wel derde landen, draagt zorg dat in de bus waarmee het vervoer wordt verricht aanwezig is:

a. indien het betreft vervoer als bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, van de ASOR van en naar derde landen en het wordt verricht door een in Nederland gevestigde vervoerder: het reisblad en het gewaarmerkt afschrift van de communautaire vergunning,

b. indien het betreft vervoer als bedoeld in artikel 5, derde lid, van de ASOR van en naar derde landen en het wordt verricht door een in Nederland gevestigde vervoerder: een gewaarmerkt afschrift van de vergunning en het gewaarmerkt afschrift van de communautaire vergunning,

c. indien het betreft vervoer als bedoeld in artikel 6 van de Interbus-overeenkomst van en naar landen die partij zijn bij die overeenkomst en het vervoer wordt verricht door een in Nederland gevestigde vervoerder: het reisblad en het gewaarmerkt afschrift van de communautaire vergunning,

d. indien het betreft vervoer als bedoeld in artikel 7 van de Interbus-overeenkomst van en naar landen die partij zijn bij die overeenkomst en het vervoer wordt verricht door een in Nederland gevestigde vervoerder: een gewaarmerkt afschrift van de vergunning en het gewaarmerkt afschrift van de communautaire vergunning.

Regeling
Besluit personenvervoer 2000
Afkortingen
Bp, Bp 2000, Bp2000, Bpv 2000
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0011982
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl