wetzoeker

Regeling eisen persoonlijke verblijfsruimte justitiële tbs-inrichtingen

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
12-01-2001
Rechtsgebied
Penitentiair recht, Strafrecht
Ministerie
Veiligheid en Justitie
BWB-id
BWBR0011912
Versie
2001-01-12_0
SHA-256 bron
1ce4b688a498157f4a5ef1686d84000de1b144276482a8fbcc55bfbd26c7c1b4

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (14)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Artikel 10
  11. Artikel 11
  12. Artikel 12
  13. Artikel 13
  14. Artikel 14

§ 1 — Algemene bepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

wet:

de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden;

raam:

glasruit met haar omlijsting

§ 1 — Algemene bepalingen

Artikel 2

Deze regeling is van toepassing op de persoonlijke verblijfsruimten welke zich bevinden binnen de beveiligde zone van de inrichting.

§ 1 — Algemene bepalingen

Artikel 3

1 De persoonlijke verblijfsruimte is zodanig uitgevoerd en ingericht dat zij voldoet aan de eisen die het behandelingskarakter van de inrichting daaraan stelt.

2 Bij plaatsing wordt de persoonlijke verblijfsruimte schoon, in goede staat en zonder gebreken opgeleverd aan de verpleegde.

§ 2 — De persoonlijke verblijfsruimte

Artikel 4

De persoonlijke verblijfsruimte heeft minimaal een vloeroppervlak van 10 vierkante meter.

§ 2 — De persoonlijke verblijfsruimte

Artikel 5

1 In een wand van de persoonlijke verblijfsruimte bevindt zich tenminste één beveiligd raam.

2 Het raamoppervlak van de persoonlijke verblijfsruimte bedraagt minimaal 0,75 vierkante meter.

§ 2 — De persoonlijke verblijfsruimte

Artikel 6

De persoonlijke verblijfsruimte is toegankelijk door een afsluitbare deur.

§ 2 — De persoonlijke verblijfsruimte

Artikel 7

1 In de persoonlijke verblijfsruimte is een regelbare verwarming aangebracht.

2 De verwarming heeft een zodanige capaciteit dat bij een buitentemperatuur van minus 10 °C en een windsnelheid van 10 meter per seconde in de persoonlijke verblijfsruimte een temperatuur van 20 °C kan worden bereikt.

3 De persoonlijke verblijfsruimte is voorzien van een ventilatiemogelijkheid waardoor op natuurlijke dan wel mechanische wijze lucht kan worden aan- en afgevoerd.

§ 2 — De persoonlijke verblijfsruimte

Artikel 8

De persoonlijke verblijfsruimte is voorzien van een voorziening waarmee vanuit de persoonlijke verblijfsruimte te allen tijde met een personeelslid of medewerker van de inrichting contact kan worden opgenomen.

§ 2 — De persoonlijke verblijfsruimte

Artikel 9

De persoonlijke verblijfsruimte is voorzien van een van binnenuit en al dan niet van buitenaf bedienbare verlichting met voldoende lichtsterkte.

§ 2 — De persoonlijke verblijfsruimte

Artikel 10

1 Indien de persoonlijke verblijfsruimte is voorzien van een toilet dan dient dat van de overige persoonlijke verblijfsruimte en van de gang afgeschermd te zijn met een schaamschot.

2 Indien de persoonlijke verblijfsruimte zelf niet voorzien is van sanitair, dan is dat elders in het pand in voldoende mate beschikbaar.

§ 2 — De persoonlijke verblijfsruimte

Artikel 11

De persoonlijke verblijfsruimte is ingericht met tenminste:

a. een spiegel;

b. een kast;

c. een tafel;

d. een stoel;

e. een aan de wand bevestigd prikbord of vergelijkbare voorziening;

f. een bed;

g. twee contactdozen.

§ 3 — Overgangsbepaling

Artikel 12

Persoonlijke verblijfsruimten waarvan de oorspronkelijke bouw is aangevangen voor 1996, moeten in elk geval voldoen aan de eisen vermeld in de artikelen 3, 5, 6, 7, 8, 9 en 11, en moeten in elk geval voor 1 januari 2006 voldoen aan de eisen vermeld in de artikelen 4 en 10.

§ 4 — Slotbepalingen

Artikel 13

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatcourant waarin zij wordt geplaatst.

§ 4 — Slotbepalingen

Artikel 14

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling eisen persoonlijke verblijfsruimte justitiële tbs-inrichtingen.