5.1.7 — Accijns op zout Selectielijst handelingen Minister van Financiën en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein invoerrechten en accijnzen 1945-1962
Accijns op zout
(192)
Handeling: Het vooraf goedkeuren van:
1. plannen voor inrichtingen voor het uitlogen van zout en de wijzigingen daarin,
2. peilinrichtingen voor het meten van de hoeveelheid zouthoudend water,
3. het bouwplan en de ligging van fabrieken waarin salpeter wordt vervaardigd uit Chilisalpeter en chloorkalium, waarbij zout als bijproduct wordt verkregen.
Grondslag: 1. Wet van 17 juni 1918 (Stbl. 383), art. 5.
2. Wet van 17 juni 1918 (Stbl. 383), art. 6.
3. Besluit van 28 november 1912, art. 2.
Periode: 1945-1948, 1952-1962
Waardering: 1. V 10 jaar na hernieuwing of vervallen goedkeuring
2. V 5 jaar na hernieuwing of vervallen goedkeuring
3. V 10 jaar na hernieuwing of vervallen goedkeuring
(193)
Handeling: Het voorbereiden, wijzigen, vaststellen en intrekken van Koninklijke besluiten waarbij bepalingen voor gradeerhuizen worden vastgesteld.
Grondslag: Zoutwet 1892 (Stbl. 227), art. 77.
Periode: 1945 - 1951
Waardering: B, 4
(194)
Handeling: Het adviseren met betrekking tot de totstandkoming, wijziging en intrekking van algemene maatregelen van bestuur houdende toestemming om elders dan in zoutziederijen zouthoudend water uit te dampen of uit andere grondstoffen chloornatrium te vervaardigen,
Grondslag: Zoutwet 1892 (Stbl. 227), art. 78.
Periode: 1945 - 1951
Waardering: B, 3
(195)
Handeling: Het (onder voorwaarden) toestemming verlenen:
om een zouterij te vestigen binnen 200 meter van een zoutziederij of van een pand waarin de vrijdomgenietende een handel of nering in zout uitoefent;
om lokalen die behoren tot een zoutziederij als bergplaats toe te laten;
voor de vermenging van zout met andere stoffen bij de uitslag uit het entrepot, de zoutziederij, etc.;
voor het oprichten van een depot van vermengd zout.
Grondslag: 1. Besluit van 29 september 1909 (Stbl. 326), art. 31.
2. Besluit van 6 april 1912 (Stbl. 139), art. 2.
3. Besluit van 6 april 1912 (Stbl. 139), art. 7.
4. Besluit van 7 januari 1913 (Stbl. 8), art. 2.
Periode: 1945-1951
Waardering: 1. V 10 jaar na hernieuwing of vervallen toestemming
2. V 10 jaar na hernieuwing of vervallen toestemming
3. V 5 jaar na hernieuwing of vervallen toestemming
4. V 10 jaar na hernieuwing of vervallen toestemming
(196)
Handeling: Het controleren van het gehalte, gewicht en de hoeveelheid zout of zouthoudend water, het meten van vaartuigen, het verzegelen en ontzegelen van lokalen en
vaartuigen, het geven van toestemming voor de inslag, uitslag, verwerking, vernietiging en enig ander gebruik van zout of zouthoudend water en het houden van toezicht daarop, het afgeven van volgbrieven, losbiljetten en vervoerbiljetten.
Grondslag: Zoutwet 1892 (Stbl. 227), art. 3, art. 7, art. 11-12, art.14, art. 22, art. 31, art. 36-38, art. 40, art. 43-48, art. 57, art. 59, art. 70, art 73, art. 79 en art. 82 lid 3.
Besluit van 29 september 1909 (Stbl. 326), art. 16.
Periode: 1945 - 1951
Waardering: V 2 jaar na controle, meting en verzegeling
V 10 jaar na inslag of uitslag
V 5 jaar na afgifte brieven en biljetten
- Regeling
- Selectielijst handelingen Minister van Financiën en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein invoerrechten en accijnzen 1945-1962
- Soort
- Archiefselectielijst
- Geldend vanaf
- 04-02-2001
- BWB-id
- BWBR0011897
- Versie
- 2001-02-04_0