wetzoeker

4.3 — Accijns op gedistilleerd en houtgeest Selectielijst handelingen Minister van Financiën en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein invoerrechten en accijnzen 1945-1962

Accijns op gedistilleerd en houtgeest

(118)

Handeling: Het voorbereiden, wijzigen, vaststellen en intrekken van voorwaarden en voorschriften:

1. voor het verhogen van het denaturerend vermogen van houtgeest door toevoeging van andere zelfstandigheden waardoor vrijdom van accijns kan worden genoten;

2. waaronder vrijdom van de accijns wordt gegeven voor ander gedistilleerd dan brandspiritus, niet bestemd tot inwendig gebruik.

Grondslag: 1. Besluit van 30 november 1908 (Stbl. 346), art. 1.

2. Besluit van 30 november 1908 (Stbl. 346), art. 13.

Periode: 1945-1963

Waardering: B, 4

(119)

Handeling: Het in beroep behandelen en beslissen inzake:

1. de verlening van vrijdom van accijns voor gedistilleerd niet bestemd voor inwendig gebruik.

2. beslissingen van de inspecteur betreffende de ontzegging van vrijdom van accijns voor gedistilleerd,

Grondslag: 1. Gedistilleerd Wet van 1862, art. 52, lid 4.

2. Besluit van 22 oktober 1921 (Stbl. 1144), art. 5.

Periode: 1945-1963

Waardering: V, 10 jaar na afhandeling

(120)

Handeling: Het verlenen van een vergunning voor het overhalen van gedistilleerd met vreemde zelfstandigheden teneinde geheel of gedeeltelijk te worden vrijgesteld van de accijns.

Grondslag: Distilleertoestellenwet van 19 mei 1922 (Stbl. 329), art. 16.

Periode: 1945 - 1963

Waardering: V, 10 jaar na afloop vergunning.

(121)

Handeling: Het voorbereiden, wijzigen, vaststellen en intrekken van regelingen waarbij vrijdom of teruggaaf van accijns wordt verleend.

Grondslag: Wet van 18 juli 1904 (Stbl. 190), art. 1a-b.

Periode: 1945 - 1963

Waardering: B, 4

(122)

Handeling: Het vaststellen van:

1. nadere bepalingen voor de handel in en het gebruik van brandspiritus of ander gedistilleerd waarvoor vrijdom van de accijns is verleend, of voor de handel in of het gebruik van producten, welke uit of met gedistilleerd, waarvoor vrijdom van accijns is verleend, zijn bereid;

2. bepalingen ingevolge welke aan belanghebbenden kan worden vergund zelf geleibiljetten af te geven voor ander gedistilleerd dan brandspiritus waarvoor vrijdom van accijns is verleend en voor producten welke uit of met gedistilleerd, waarvoor vrijdom van accijns is verleend, zijn bereid;

3. voorzieningen nodig tot wering van misbruik van de regeling waarbij vrijdom van accijns wordt verleend voor houtgeest, voor alle daaruit bereide of daarmede vermengde vloeistoffen en voor alle vaste stoffen die houtgeest bevatten, bestemd om te dienen als mengmiddel voor andere goederen waarvoor vrijdom van accijns of invoerrecht wordt genoten;

4. bijzondere bepalingen betreffende de vrijdom van accijns voor houtgeest.

Grondslag: 1. Besluit van 30 november 1908 (Stbl. 346), art. 34bis.

2. Besluit van 30 november 1908 (Stbl. 346), art. 36bis.

3. Besluit van 8 april 1925 (Stbl. 137), art. 1.

4. Besluit van 8 april 1925 (Stbl. 13'7), art. 1.

Periode: 1945 - 1963

Waardering: B, 4

(123)

Handeling: Het aanwijzen van deskundigen voor de controle van inrichtingen waarvoor vrijdom van accijns is toegestaan.

Grondslag: Besluit van 30 november 1908 (Stbl. 346), art. 26.

Periode: 1945 - 1963

Waardering: V, 10 jaar na vervallen aanwijzing.

(124)

Handeling: Het wijzigen of intrekken van de vrijdom van accijns.

Grondslag: Besluit van 30 november 1908 (Stbl. 346), art. 19.

Periode: 1945 - 1963

Waardering: B, 4 voor algemeen geldende vrijdom voor groepen van gevallen

V 10 jaar na wijziging of intrekking vrijdom verleend aan individuele gevallen

(125)

Handeling: Het verlenen van vrijdom van de accijns voor vernissen en dergelijke niet tot inwendig gebruik bestemde vloeistoffen, alsmede voor producten en zelfstandigheden in geleivorm of in andere niet vloeibare staat, die buitenlands met gedistilleerd zijn bereid.

Grondslag: Besluit van 30 november 1908 (Stbl. 346), art. 39.

Periode: 1945 - 1963

Waardering: B, 4 voor algemeen geldende vrijdom voor groepen van gevallen

V 10 jaar na wijziging of intrekking vrijdom verleend aan individuele gevallen

(126)

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming van algemene maatregelen van bestuur waarbij bepalingen worden vastgesteld krachtens welke vrijdom van accijns wordt verleend.

Grondslag: Wet van 30 december 1910, art. 4.

Periode: 1945-1963

Waardering: B, 4

Regeling
Selectielijst handelingen Minister van Financiën en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein invoerrechten en accijnzen 1945-1962
Soort
Archiefselectielijst
Geldend vanaf
04-02-2001
BWB-id
BWBR0011897
Versie
2001-02-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl