wetzoeker

Artikel 6.1e Vreemdelingenbesluit 2000

Vertrek, uitzetting en overdracht

1 Bij afwijzing van de eerste aanvraag tot het verlenen van de verblijfsvergunning asiel wordt ambtshalve beoordeeld of er reden is voor toepassing van artikel 64 van de Wet, tenzij op grond van artikel 3.6a, eerste lid, of 3.6ba, eerste lid, alsnog ambtshalve een verblijfsvergunning is verstrekt.

2 Het eerste lid is niet van toepassing, indien de aanvraag niet in behandeling is genomen op grond van artikel 30 van de Wet, niet-ontvankelijk is verklaard op grond van artikel 30a van de Wet of op grond van het bepaalde in het Protocol (nr. 24) inzake asiel voor onderdanen van lidstaten van de Europese Unie, bij het Verdrag betreffende de Europese Unie, dan wel is afgewezen als kennelijk ongegrond op grond van artikel 30b, eerste lid, van de Wet bij toepasselijkheid van artikel 42, eerste lid, onderdelen g en f, van de Procedureverordening of buiten behandeling is gesteld op grond van artikel 30c van de Wet.

3 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing, indien de verblijfsvergunning asiel wordt ingetrokken, met dien verstande dat in dat geval de ambtshalve beoordeling uitsluitend plaatsvindt indien de vreemdeling de voor die beoordeling relevante medische gegevens en overige bescheiden heeft overgelegd.

Regeling
Vreemdelingenbesluit 2000
Afkortingen
VB, Vb 2000
Soort
AMvB
Geldend vanaf
25-09-2026
BWB-id
BWBR0011825
Versie
2026-09-25_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl